Disclaimer: deze transcriptie is geautomatiseerd omgezet vanuit audio en dus geen officieel verslag. Om de transcripties verder te verbeteren wordt constant gewerkt aan optimalisatie van de techniek en het intrainen van namen, afkortingen en termen. Suggesties hiervoor kunnen worden gemaild naar info@1848.nl.

Oudedagsvoorziening (o.a. AOW, pensioen en RVU)

[0:00:00] Welkom bij deze technische briefing over de oude dagvoorziening.

[0:00:03] Er druppen nog een paar ambtenaren binnen, die komen zo meteen.

[0:00:06] Maar de heer KT gaf aan dat hij alvast kan beginnen zo.

[0:00:09] Maar voor we dat doen, wens ik iedereen van harte welkom, ook de luisteraars thuis.

[0:00:13] Vanuit de Kamer hebben we aanwezig mevrouw Van Brenk van 50PLUS, de heer Mulder namens de PVV, mevrouw Patijn namens GroenLinks PvdA, de heer Nijenhuis namens D66 en de heer Keulemans namens JA21.

[0:00:25] We hebben vandaag staan tot 11 uur, dus ik stel voor dat we eerst de ambtenaren aan het woord laten, of deze losse ambtenaar, en daarna ruimte voor korte vragen.

[0:00:37] Super, dank u wel.

[0:00:39] Sowieso dank u wel voor de uitlading om hier te mogen komen.

[0:00:41] Mijn naam is Stan Katté.

[0:00:42] Ik ben directeur-generaal werk op het ministerie van Sociale Zaken.

[0:00:46] Ons ministerie zit eigenlijk heel simpel in elkaar.

[0:00:47] We staan uit drie grote blokken.

[0:00:49] Eén blok is de arbeidsinspectie, u ongetwijfeld wel bekend.

[0:00:52] Daar zit het hoofdkantoor van in Den Haag en voor de rest zit die in regionale kantoren.

[0:00:55] En dan hebben we nog twee beleidsblokken.

[0:00:57] En als ik dat heel simpel zeg, dan hebben we één blok dat gaat over iedereen met een uitkering en één blok dat gaat over iedereen met een baan.

[0:01:03] Dat klinkt een beetje lomp, maar daar komt het wel op neer.

[0:01:05] En ik ben dan de dirigee van het baangedeelte.

[0:01:07] Dus verantwoordelijk eigenlijk voor alle wetten en regels, de voorbereiding daarvan voor heel Nederland, voor mensen met een baan.

[0:01:15] En dan moet u denken aan kinderopvang, je pensioen, wanneer ben je eigenlijk een zzp'er, wat zijn de regels voor gezond en veilig werken, het EU machinehandvest, wat is eigenlijk een cao, alles wat te maken heeft met wetten regelgevend voor werkende mensen.

[0:01:29] En daarnaast ben ik ook de eindverantwoordelijke voor de onderhandelingen, althans de ambtelijke eindverantwoordelijke, de minister is natuurlijk uiteindelijk de baas, maar ik moet ervoor zorgen dat dan de onderhandelingen met de vakbonden en de werkgevers in de polder, dat die eigenlijk ook goed lopen.

[0:01:43] Dus ik doe dit nu vijf jaar en heb in de afgelopen vijf jaar grote akkoorden als het pensioenakkoord en ook de hele uitvoering van de pensioenwet

[0:01:52] Het RvU-akkoord, het arbeidsmarktpakket waarbij we zes wetsvoorstellen ontwikkelen om flex minder flex te laten zijn en het vaste contract minder vast.

[0:02:02] Dat is eigenlijk ons werkterrein.

[0:02:05] Ik heb een aantal mensen meegenomen, maar dat ging niet goed bij de aanmelding.

[0:02:08] Dus die staan nog in de rij, die komen zo snel mogelijk.

[0:02:10] Ik zal ze zo in u voorstellen.

[0:02:13] Maar ik wilde u in ieder geval daarbij vertellen hoe dat gaat met die onderhandelingen in de polder.

[0:02:19] Daar wilde ik een korte inleiding over vertellen voordat we dan op de beleidsterrein ook naar binnen gaan.

[0:02:26] We hebben uiteraard ook heel veel ruimte voor vragen voor u, want we doen dit vooral om u ook te vertellen hoe die werkelijkheid van die wetten in elkaar zit en waar we nu staan.

[0:02:35] We zullen ook heel veel aandacht hebben voor welke wetsvoorstellen op dit moment al bij u aan de hangers zijn en waar we nog verder mee moeten gaan.

[0:02:42] Het is in Nederland zo dat wij een uitgebreid systeem van sociale dialoog hebben.

[0:02:49] Eigenlijk alle voornemens die het kabinet naar de Tweede Kamer stuurt op het terrein van de arbeidsmarkt en sociale zekerheid,

[0:02:55] voordat het kabinet daar een besluit over neemt, worden die besproken met sociale partners.

[0:03:02] Dat gebeurt in de Stichting van de Arbeid.

[0:03:04] Dus wij leggen alle conceptwetsvoorstellen aan partners voor.

[0:03:08] Dat is uniek in de wereld, dat gebeurt nergens.

[0:03:10] In de meeste landen wordt nog wel iets overlegd tussen werkgevers en werknemers, maar pas nadat het kabinet een beslissing genomen heeft.

[0:03:16] Wij hebben dat omgedraaid, wij doen dat vooraf, zodat het kabinet kan meenemen wat bonden en werkgevers van bepaalde voorstellen vinden.

[0:03:23] Als ik ook bij de Internationale Arbeidsorganisatie, de ILO in Genève, vertel ik dit elk jaar weer opnieuw en dan krijg ik altijd grote ogen, omdat het natuurlijk best wel riscant is, want op het moment dat je die voorstellen al bespreekt met partijen voordat het kabinet daar een stompet over heeft ingenomen, dan kan dat natuurlijk ook, als dat lekt, dat is natuurlijk allemaal heel gevoelig.

[0:03:42] Er is een vertrouwensband in die partijen dat dat dus niet gebeurt, waardoor het dus mogelijk is om ook met partners goed te overleggen voordat er een definitief

[0:03:52] beslissing wordt genomen.

[0:03:54] Je kunt er van alles van zeggen.

[0:03:55] Er zijn ook partijen die eigenlijk vinden dat je veel meer zelf zou moeten kiezen en dat niet met draagvlak zou moeten doen.

[0:04:02] Nou ja, dat is een keuze.

[0:04:04] U zult niet gek opkijken dat ik, ik werk nu al vijf jaar in deze wereld, dus ik ben er een beetje mee vergroeid en dus in dat opzicht ook niet

[0:04:11] niet neutraal in.

[0:04:13] Ik denk wel dat het feit dat bijvoorbeeld een pensioenwet, dat die echt is uit onderhandeld met een brede delegatie in de Tweede Kamer en ook met een brede polder delegatie, dat dat in ieder geval heeft bijgedragen aan de wetsbehandeling.

[0:04:30] En nogmaals, u kunt ervoor mee eens of oneens zijn, daar gaat het me verder niet om.

[0:04:35] Maar in ieder geval het feit dat je dat met breed maatschappelijk draagvlak doet, dat is in ieder geval in de praktijk gebleken dat dat hier in de Tweede Kamer ook iets doet.

[0:04:45] Ik ga nu kort gewoon even vertellen, tenzij u al vragen heeft over mijn werkpakket of hoe dat bij sociale zaken werkt of hoe die polderdiscussie werkt.

[0:04:55] Anders ga ik toch vast een beetje vertellen wat we vandaag gaan doen.

[0:05:00] We hebben vier mensen meegenomen.

[0:05:01] Ik realiseer me nu dat wij ook straks met vijf mannen tegenover zitten.

[0:05:05] Dat is best knap voor het ministerie van Sociale Zaken, want 60 procent van de medewerkers daar is vrouwelijk.

[0:05:10] Maar kennelijk hebben we op dit onderwerp vandaag mannen meegenomen.

[0:05:16] U zult ze zometeen zien.

[0:05:17] We beginnen straks met een uitleg over hoe werkt de AOW.

[0:05:21] Dat gaan Rob Jansen en Sidney Antonio zijn van de AOW-directie.

[0:05:25] Zij zullen iets vertellen over hoe loopt het nu met de leeftijd van de AOW, wat is eigenlijk de ontwikkeling van de uitgaven.

[0:05:34] Dan zal Mohamed Abdelaziz iets vertellen over het pensioenakkoord.

[0:05:38] Die is van onze directie pensioenen en iets over de koopkracht en vermogen van gepensioneerden.

[0:05:42] En tot slot Joost Opstelten, die van de directie arbeidsverhoudingen, zal iets vertellen over het RIVU-akkoord, het vroeg pensioen.

[0:05:51] Wat ik u nog wilde vertellen, is die twee beleidsblokken van het ministerie.

[0:05:54] Mijn blok bestaat ongeveer uit 380 medewerkers.

[0:05:58] Het ministerie van... Het deel van de uitkeringen bestaat ongeveer uit 450 medewerkers.

[0:06:02] En nogal, ik hecht er gewoon aan om gewoon even die feiten te melden.

[0:06:06] Mijn onderdeel zal als gevolg van de taakstelling over drie jaar ongeveer 51 fte minder bevatten en bij de DG Sociale Zekerheid zijn het ongeveer 60 fte die gaan verdwijnen.

[0:06:16] Dus ik vind altijd... Er zijn altijd een hele hoop verhalen over hoeveel ambtenaren er zijn en zo.

[0:06:21] Ik hechter u eraan in ieder geval ook gewoon even de cijfers te vertellen zoals ze die nu ook zijn.

[0:06:27] De totale begroting van het ministerie, die u overigens voor dit jaar nog gaat behandelen eind februari, is 120 miljard euro.

[0:06:35] Daarvan zit ongeveer 100 miljard aan die uitkeringenkant en ongeveer 20 miljard aan de werkkant.

[0:06:40] En bij de werkkant is dat vooral de kinderopvangtoeslag.

[0:06:43] Van die uitkering is natuurlijk weer meer dan de helft alleen al de AOW.

[0:06:46] En daarom is het dus ook de reden dat we dat als eerste onderwerp zullen gaan bespreken.

[0:06:50] En dit was een beetje mijn inleiding.

[0:06:51] Ik kan nu nog wel door gaan babbelen, maar stel in godsnaam een vraag.

[0:06:55] U heeft het knap volgepraat, meneer Katté.

[0:06:57] Ik kijk of er nu al vragen zijn, anders wachten wij tot de ambtenaren binnen zijn.

[0:07:00] Dat is gewoon helaas overmacht, daar kunnen we niks aan doen.

[0:07:02] Heel vervelend, maar ik krijg het niet in.

[0:07:06] Nou ja, mevrouw Patijn.

[0:07:07] Ik probeer toch... Misschien is het wel aardig om iets te vertellen.

[0:07:10] Welke adviezen krijgen we nu bij de CR in de Stichting van de Arbeid te lopen?

[0:07:16] Oeh, dat is nog best wel veel.

[0:07:18] Ik durf niet te zeggen dat ik dat helemaal compleet heb.

[0:07:21] We hebben recent adviezen gehad over de WIA.

[0:07:27] Dat is echt het onderwerp waarvan wij ook, als we...

[0:07:31] Als wij iets aan u zouden mogen zeggen, van daar zou u mee aan de slag moeten, dan is de WIA echt wel het onderwerp waarvan wij denken dat dat het snelste de aandacht van de politiek vereist.

[0:07:43] De regeling is nu zodanig ontworpen dat er steeds meer mensen...

[0:07:47] ook door prikkels in het systeem, worden bijna uitgenodigd om een herkeuring aan te vragen, waardoor het UWV helemaal vastloopt in een wereld waar tegelijkertijd minder verzekeringsartsen zijn.

[0:07:58] Dus dat loopt echt vast.

[0:07:59] Daar hebben we de SER om gevraagd.

[0:08:00] De SER heeft daarnaast een aantal adviezen lopen.

[0:08:04] Ja, die zijn politiek minder gevoelig, maar die gaan over gevaarlijke stoffen, over de toekomst van AI op de werkvloer, over...

[0:08:13] sociale innovatie.

[0:08:17] Dat is eigenlijk ook weer hoe je in de toekomst op een... Die hele sociaal dialoog die ik net zei, hoe je dat ook de toekomst op een modernere manier kunt vormgeven, gaat het ook bijvoorbeeld over de rol van zzp'ers in de polder, et cetera.

[0:08:29] Dat zijn onderwerpen waarvan ik in ieder geval nu weet dat er adviezen over aankomen.

[0:08:32] Zal ik er nog wel een paar missen?

[0:08:35] Ja, klopt.

[0:08:36] Ja, mantelsorg.

[0:08:39] Loopt ook.

[0:08:42] Andere vraag voor u, anders gaan we wel even wachten tot ze binnen zijn hoor.

[0:08:46] Ja, ik dacht die inleiding kan ik sowieso doen, maar ik hoop dat ze binnenkomen.

[0:08:53] We gaan het zo even zien.

[0:08:55] Ik schors even tot jullie compleet zijn.

[0:13:32] Maar voorzitter, ik stel voor dat we gewoon beginnen.

[0:13:34] Ik weet er genoeg van om gewoon het begin te kunnen doen.

[0:13:37] Ja, ik vind het gewoon zo'n zonde van de tijd.

[0:13:40] Dus wat mij betreft gaan we gewoon beginnen.

[0:13:41] Best allemaal.

[0:13:43] We gaan continueren.

[0:13:45] Onze directeur-generaal gaat improviseren, maar die weet er waarschijnlijk genoeg vanaf.

[0:13:49] En we zetten hem er zo meteen binnen.

[0:13:50] Goedemiddag voor de mensen thuis.

[0:13:53] Het lag niet aan SZW, die waren hier ruim op tijd vanochtend, maar er is iets misgelopen vanuit de Kamerorganisatie.

[0:13:59] Niet ergens vrij van ons.

[0:14:00] Ik geef het woord aan de heer KT.

[0:14:02] Dankjewel.

[0:14:02] Nee, ik zeg, mijn stelregel is wel altijd hoe hoger hoe dommer.

[0:14:06] Je kunt zich wel voorstellen, als je gewoon kijkt hoe breed dat pakket is, dat het voor mij godsommogelijk is om alles van al die onderwerpen te weten.

[0:14:12] Daarvoor hebben we natuurlijk ook die slimme mensen hier zitten.

[0:14:14] Maar ik kan in ieder geval gewoon het begin doen.

[0:14:18] Ik heb de presentatie hier ook, dus daar moet ik echt wel wat over ze kunnen vertellen.

[0:14:21] Dus wat mij betreft, ik had al verteld, we gaan die vier onderwerpen langs, de AOW, de pensioenen, de vermogenspositie en koopkracht van gepensioneerden en tot slot het vroegpensioen.

[0:14:31] We beginnen gewoon met de AOW.

[0:14:33] Hoe hebben wij de oude dagvoorziening in Nederland georganiseerd?

[0:14:37] Wij proberen u te vertellen hoe het in elkaar zit.

[0:14:39] Als u zegt van god, dit is voor mij allemaal zo vanzelfsprekend, ga sneller door, dan doe ik dat.

[0:14:45] En als u vragen hebt, onderbreekt u mij vooral.

[0:14:47] We hebben in Nederland vier pijlers.

[0:14:49] Het is de eerste pijler in de oude dagvoorziening, moet ik dan zeggen.

[0:14:53] Dus de eerste pijler is voor de overheid.

[0:14:55] Kosten van de overheid betalen wij als belastingbetalers met elkaar.

[0:14:58] En die is ook voor iedereen gelijk.

[0:15:00] Gewoon de AOW geldt voor iedereen en de nabestaande wet.

[0:15:05] De tweede pijler, dat hangt er vanaf wat je daar dan bovenop krijgt.

[0:15:08] Dat heeft met je baan te maken.

[0:15:12] Als jij gewerkt hebt, dan heb je vaak ook oudersomspensioen opgebouwd.

[0:15:16] Je kunt ook nabestaande pensioen hebben opgebouwd of arbeidsontschiktheispensioen.

[0:15:20] Daarbovenop, de derde pijler, is arbeidsvorm neutraal, zoals we dan zeggen.

[0:15:25] Dus dan kun je gewoon privévoorzieningen hebben.

[0:15:27] Je kunt gewoon zelfs lijfrentes hebben gehad.

[0:15:30] Vaak hebben ondernemers bijvoorbeeld ook hun pand of hun goedwil in het bedrijf zitten.

[0:15:36] En tot slot heb je nog je eigen privévermogen, gewoon je spaarrekening en wat je aan bezit hebt.

[0:15:42] Het eerste gedeelte wordt door iedereen vandaag.

[0:15:47] Iedereen die nu vandaag belasting betaalt, betaalt ook voor de uitkering van vandaag.

[0:15:51] Dus de mensen die nu werken en belasting betalen, die betalen ook voor de AOW van vandaag.

[0:15:56] De tweede pijler hangt van je baan af en die betaal je ook zelf nu vandaag, maar die betaal je voor jezelf, die krijg je later als uitkering.

[0:16:04] Dus je betaalt nu je pensioenpremie in de hoop dat je daar dan straks een uitkering voor krijgt.

[0:16:09] En datzelfde geldt voor de derde pijler, maar dat doe je echt helemaal voor jezelf.

[0:16:14] Bij die tweede pijler, dat pensioen, je legt je geld in, maar dat doe je ook nog.

[0:16:21] Daar zit ook nog solidariteit in.

[0:16:22] Dus je gemiddelde pensioenuitkering is ongeveer 17 jaar.

[0:16:26] Vanaf je 67ste gemiddeld tot 84.

[0:16:29] Maar als jij 102 wordt, dan heb jij nog steeds

[0:16:32] Uit datzelfde pensioenfonds ook een uitkering, ondanks het feit dat je daar zelf in het verleden helemaal nooit aan hebt bijgedragen.

[0:16:38] Maar dat doen, dat is eigenlijk de solidariteit in het celsum.

[0:16:40] Mijn derde pijler, dat is echt helemaal individueel.

[0:16:43] Als jouw lijfrente op is, is je lijfrente op.

[0:16:45] Als je bankrekening op is, is je bankrekening op.

[0:16:48] Dat is eigenlijk het eerste gedeelte.

[0:16:52] Het blok AOW.

[0:16:55] Het eerste pijler, zoals ik al zei, het is ooit begonnen als een basispensioen voor iedereen vanaf de AOW-leeftijd.

[0:17:01] De hoogte van de AOW stellen we vast door een koppeling aan lonen via het minimumloon.

[0:17:08] Het oorspronkelijke doel is, en dat is het nog steeds, het voorkomen van armoede onder ouderen.

[0:17:14] En daar zijn we ook echt succesvol in.

[0:17:16] Niet alleen is het in Nederland zo dat de armoede onder ouderen, dus onder 65-plussers, is het laagste van alle inkomensgroepen, maar ook daar, ook Europees, zijn we daar heel succesvol in.

[0:17:26] Dus ook de inkomenspositie van ouderen in Nederland is het beste eigenlijk binnen de hele Europese Unie.

[0:17:32] En dat komt door de hoogte van de AOW.

[0:17:34] Dus AOW is zeker geen minimumuitkering.

[0:17:37] Als iemand 67 wordt en je gaat vanuit de bijstand naar de AOW, dan ga je echt een aantal honderden euro's vooruit.

[0:17:44] Omslagstelsel had ik al gezegd, de mensen die nu belasting betalen, die betalen dus ook voor de AOW, dus ongeveer de eerste 20 procent van je belastingtarief is AOW-premie.

[0:17:57] Dus als we geen AOW zouden hebben, zou het eerste tarief van de eerste schijf niet 37 zijn, maar 17.

[0:18:03] Ik chargere het een klein beetje, maar daar komt het wel op neer.

[0:18:09] En deze regeling wordt uitgevoerd door de Sociale Verzekeringsbank.

[0:18:13] Zullen we doorgaan?

[0:18:16] Zeker, ja.

[0:18:16] Ja, een korte vraag van mevrouw Van Brenk.

[0:18:20] Kunt u zeggen hoe dat bij ZZP'ers is?

[0:18:23] Is dat precies hetzelfde?

[0:18:26] Ja, de AOW krijgt... Ook ZZP'ers krijgen gewoon AOW.

[0:18:32] Dus de AOW is niet gekoppeld aan of je werkt of niet.

[0:18:34] Ik bedoel het bijdragen, sorry.

[0:18:38] Ja, zeker.

[0:18:40] Als je inkomstenbelasting betaalt, is in je eerste schijf, daar zit gewoon de eerste twintig procent ervan, wordt gebruikt voor AOW-premie.

[0:18:45] Ja, zeker.

[0:18:47] En nogmaals, je krijgt dit dus niet, of je nou wel of niet gewerkt hebt, maar je krijgt AOW als je in Nederland gewoond hebt.

[0:18:52] Dus per woonjaar krijg jij, ik zeg uit mijn hoofd, ongeveer voor vijftig jaar.

[0:18:58] Dus elk jaar bouw je ongeveer twee procent AOW op.

[0:19:01] Dus als je vijftig jaar in Nederland gewoond hebt, vanaf je vijftiende, dan heb je honderd procent van je AOW opgebouwd.

[0:19:06] Zo werkt het.

[0:19:09] Gevolg voor de vergrijzing.

[0:19:10] Een vraag van de heer Mulder namens het PVV.

[0:19:12] Ondertussen komen de ambtenaren binnen, waar ze heel blij mee zijn.

[0:19:16] Kom zitten jongens.

[0:19:21] Ik wacht even één minuut en dan... Ik ben vast begonnen, dus Rob.

[0:19:28] Ik ben blij dat je er bent, want ze gaan nu een moeilijke vraag stellen.

[0:19:33] Heel veel dank voor jullie aanwezigheid en nogmaals excuses namens de commissie voor het oponthoud.

[0:19:38] Ik weet dat jullie ruim op tijd aanwezig waren, maar fijn dat we alsnog de presentatie kunnen vervolgen.

[0:19:45] En we waren aanvallend bij de heer Mulder die een vraag stelde namens de PVV.

[0:19:49] Voor de heer Jansen denk ik.

[0:19:53] Uw collega of uw manager vertelde net dat

[0:19:57] dat als iemand vijftig jaar in Nederland gewoond heeft, dat hij honderd procent AOW krijgt.

[0:20:03] Maar we hebben er kort geleden ook een presentatie gehad en er bleek dat mensen die hier bijvoorbeeld komen als ze zestig jaar zijn, toch ook een uitkering krijgen.

[0:20:16] Dus eigenlijk, u zegt alleen mensen die hier vijftig jaar gewoond hebben, maar schijnbaar is die regeling ergens aangepast.

[0:20:22] Kunt u daar iets over vertellen?

[0:20:25] Nee, de AOW, je bouwt 50 jaar dus 100% opbouw op, dus per jaar 2%.

[0:20:31] En als mensen dus bijvoorbeeld op hun zestigste naar Nederland komen, dan bouwen ze tot aan de AOW-leeftijd nog een paar procent AOW op.

[0:20:38] En als je dan de AOW-leeftijd bereikt, dan krijg je gewoon een AOW-uitkering, maar die is dan natuurlijk aanzienlijk lager dan een normale volledige AOW met 100% opbouw.

[0:20:49] Dus als je op je 60 binnenkomt, dan heb je voor zeven jaar lang 14% van het oude bedrag opgebouwd.

[0:20:56] Dus als ik 60 ben en ik kom hier binnen en ik word 67, dan krijg ik slechts 8% of zo?

[0:21:04] 14%.

[0:21:06] Zeven jaar opbouw, 2% binnen.

[0:21:08] En dat is het dan, punt.

[0:21:10] Dan hebben mensen waarschijnlijk in het land waar ze bijvoorbeeld vandaan komen ook nog pensioen opgebouwd in de EU.

[0:21:16] Er zijn daar gewoon afspraken over met de EU-verordening en zij maken daar... daar zijn afspraken in vastgelegd en daar... mensen bouwen dus in de landen waar ze vandaan komen ook nog vaak pensioen op.

[0:21:28] Maar indien dat niet het geval is en mensen komen dus bij iets onder het sociaal minimum uit, dan bestaat dus de AIO, de aanvullende inkomstvoorziening ouderen.

[0:21:35] En dat is een minimumuitkering die onder de Participatiewet valt.

[0:21:38] Het verschil is dus... het valt niet onder de... Excuses, voorzitter.

[0:21:42] Oké, we gaan zo weer verder.

[0:21:44] Er is dus een afvullende uitkering, maar die valt niet onder de AOW, die valt onder de participatiewet.

[0:21:48] Dank voor de ophelding.

[0:21:50] Ik stel voor dat we verder gaan met de presentatie.

[0:21:51] Ja, ik was nog bij de gevolgenvergrijzing.

[0:21:54] Ja, ik ga even... We moeten namelijk om elf uur zondag hier weg en we hebben nog heel veel slides te gaan.

[0:21:58] Dus ik stel voor dat we even verder gaan met de presentatie.

[0:22:00] Alleen echt de verheldelende vraag snel dus door en anders wachten tot het einde.

[0:22:04] De heer Jansen.

[0:22:05] We waren aanbeland bij de vergrijzinggevolgen, blijkbaar.

[0:22:12] Nou ja, wat we zien is dat natuurlijk Nederland vergrijst, de samenleving vergrijst en we zien in 2040 dat de vergrijzing gaat pieken.

[0:22:18] Vorig jaar heeft de Studiegroep Begrotingsruimte een rapport uitgebracht en daarin schetten zij ook de gevolgen voor de overheidsfinanciën en dus ook voor de sociale zekerheid en dat is de AOW.

[0:22:28] De AOW is gevoelig natuurlijk voor de gevolgen van de vergrijzing.

[0:22:33] We zien dat tot 2040 het aantal 65-plussers ook gaat toenemen.

[0:22:37] Daarna verlakt die groep weliswaar wat af, maar bijvoorbeeld de groep 80-plussers, die blijft wel doorstijgen.

[0:22:43] Dat noemen we dan de dubbele vergrijzing.

[0:22:45] Dus we krijgen meer ouderen, maar de ouderen worden ook gemiddeld genomen ouder.

[0:22:50] En dit heeft dus gevolgen voor de AOW.

[0:22:52] In 2025 hadden we 3,7 miljoen gerichterden tegenover 10 miljoen werkenden.

[0:22:58] En in 2040 verwachten we 4,6 miljoen AOW'ers tegenover 11 miljoen werkenden.

[0:23:04] Dus die toename relatief van AOW'ers gaat sneller dan van het aantal werkenden.

[0:23:10] In 2025 zien we een uitkeringslast van 55 miljard van de AOW.

[0:23:15] Dat is, en dat kunt u in de tabel zien, is dat in 2025 4,7 procent van het bruto binnenlands product.

[0:23:23] En we zien dat percentage toenemen in 2040 tot 5,7 procent.

[0:23:28] Dat is een stijging van 21 procent in totaal.

[0:23:32] En die is volledig toe te schrijven aan de gevolgen van de vergrijzing.

[0:23:35] En dat heeft te maken met enerzijds het grotere aantal ouderen, maar ook het aantal alleenstaanden neemt bijvoorbeeld toe.

[0:23:41] Mensen worden sneller weduwen bijvoorbeeld.

[0:23:44] Gezien deze demografische en budgettaire en uitvoeringstechnische ontwikkelingen, het is natuurlijk een samenstelling van verschillende ontwikkelingen,

[0:23:53] starten we met de SC2 en ook het ministerie van Financiën met het IBO-inkomensvoorziening ouderen.

[0:23:59] En dat zal in het najaar ongeveer aan de Kamer toekomen.

[0:24:05] Had jij het stukje over de volksverzekering al toegelicht?

[0:24:10] Ja.

[0:24:12] Dan sluit ik de slide even voor de volksverzekering over, het verzekeringskarakter.

[0:24:16] Dan de AOW-leeftijd.

[0:24:18] Dat is natuurlijk het moment dat mensen de AOW mogen gaan ontvangen.

[0:24:21] Voor 2012 was het 65 jaar en sinds 2013 wordt die stapsgewijs verhoogd.

[0:24:27] Dankzij deze verhoging verruimen we de beroepsbevolking, maar dempen we ook de uitgaven van de AOW.

[0:24:33] In het pensioenakkoord van 2019 is afgesproken dat de AOW voor twee derde is gekoppeld aan de resterende levensverwachting.

[0:24:41] Dat wil zeggen als de levensverwachting met 4,5 maand toeneemt, dan stijgt de AOW met drie maanden.

[0:24:46] Dat is een versoepeling ten opzichte van de één-op-één-koppeling die daarvoor rolt.

[0:24:50] Dan zou met een levensverwachtingsstijging van drie maanden de AOW-leeftijd al met drie maanden verhoogd worden.

[0:24:58] De minister van SZW kondigt de AOW-leeftijd altijd vijf jaar van tevoren aan, zodat mensen ook voldoende voorbereidingstijd hebben.

[0:25:04] In dit jaar, 2026, is die 67 jaar en vanaf 2028 wordt die 67 jaar en drie maanden.

[0:25:13] We monitoren de effecten van de AOW-leeftijd.

[0:25:15] Dat doen we jaarlijks met de AOW-monitor.

[0:25:18] En daarin monitoren we de effecten van de verhoging van de AOW-leeftijd.

[0:25:24] Dan kijken we bijvoorbeeld naar arbeidsparticipatie, maar ook naar duurzame inzetbaarheid of gezondheid.

[0:25:29] En we kijken ook of de andere sociale regelingen, zoals de bijstand of de WIA, worden gebruikt als manier om bevroegd uit te treden.

[0:25:37] En de monitor laat eigenlijk tot op heden consequent zien dat dat niet het geval is.

[0:25:42] En dan tot slot, en daar zal mijn collega Joost zometeen meer over vertellen, maar de voor zwaar werk bestaande regeling vervroegd uittreden.

[0:25:51] Dan ga ik door naar leefvorm en inderdaad de uitkeringshoogte.

[0:25:54] Zoals u misschien weet heeft de AOW twee uitkeringshoogtes.

[0:25:57] Dat is de alleenstaande uitkering, die is ruim 1600 euro bruto en dat is gelijk aan 70% van het wettelijk minimumloon.

[0:26:05] Voor gehuwden en samenwonenden betreft dat ruim 1100 euro en dat is

[0:26:10] 50% van de minimumloon, maar je bent gehuwd of samenwonend, dus dat is keer 2, dus dan heb je samen 100% van het WML.

[0:26:17] En in de AOW zit het principe van kostenvoordeel, dus daarom is die uitkering van gehuwden en samenwonenden ook lager, want zij kunnen kostendelen hebben, bijvoorbeeld wonen, energie of boodschappen.

[0:26:29] Welke uitkeringshoogte mensen gaan ontvangen, dat moet de SVB beoordelen.

[0:26:34] De SVB moet beoordelen of er sprake is van een gezamenlijke huishouding.

[0:26:38] En daar is sprake van op het moment

[0:26:40] dat twee mensen het hoofdverblijf in dezelfde woning hebben en er sprake is van een wederzijdse zorgrelatie via kostendeling of anderszins.

[0:26:47] Dus dat kunnen ook sociale contacten zijn.

[0:26:50] Als de SVB dat gaat beoordelen, moet ze echt de feitelijke leefsituatie beoordelen.

[0:26:55] Dus dat is echt soms achter de voordeur kijken hoe mensen samenwonen, wat zij samen doen.

[0:27:01] Dat is toch best wel een inbruik op de privésfeer.

[0:27:05] Mensen moeten echt vragen daarover beantwoorden.

[0:27:09] Voor veel leefvormen is dat relatief eenvoudig gehuwd.

[0:27:11] Alleenstaand, dan begrijpt u, dat is natuurlijk best wel eenduidig.

[0:27:15] Maar er zijn ook leefvormen, en die diversiteit neemt de komende

[0:27:18] neemt af en is de afgelopen decennie ook wat toegenomen.

[0:27:21] En daar is de beoordeling gewoon minder eenduidig.

[0:27:23] En dat levert gewoon complexiteit op voor zowel voor de mensen zelf, mensen weten niet waar ze aan toe zijn, als ook voor de SVB.

[0:27:30] Is het een hele urgente verhelderende vraag?

[0:27:34] Dan doen we de vraag even op het eind.

[0:27:35] Ja, dank.

[0:27:38] Verder hebben we ook geconstateerd dat de leefvormbeoordeling niet alleen dus complexiteit kan opleveren, maar ook ervoor kan zorgen dat er een drempel ontstaat om samen te gaan wonen en om te gaan mantelzorgen.

[0:27:48] En daarom hebben we in 2023 een verkenning gestart om te kijken hoe we de AOW kunnen gaan vereenvoudigen.

[0:27:54] Dat doen we dan door de uitkeringshoogte te bepalen op basis van het objectief partnerbegrip.

[0:27:58] Dus dat is het objectief partnerbegrip wat ook in de fiscaliteit en in de toeslagen zit.

[0:28:02] Dat is een partnerbegrip met objectieve criteria, die zijn vooraf helder, kenbaar en duidelijk en die zouden de AOW voor mensen gewoon voorspelbaarder maken en mensen weten gewoon van tevoren beter waar ze aan toe zijn.

[0:28:14] En daarnaast is het ook voor de uitvoering gewoon eenvoudiger.

[0:28:17] Je hoeft niet meer achter de voordeur te kijken.

[0:28:19] Dat zorgcriterium hoeft niet meer te worden beoordeeld.

[0:28:22] Dus met andere woorden is dat voor beide partijen een vereenvoudiging, zouden we zeggen.

[0:28:28] In oktober heeft de minister een kamerbrief met uw Kamer gedeeld en daarin is onder andere een bestandsanalyse aangeboden.

[0:28:35] We hebben gekeken van wat doet het nou als we in de AOW dat objectief partnerbegrip invoeren?

[0:28:40] Zien we verschrijvingen in de uitkeringshoogte?

[0:28:43] En uit die analyse is gebleken dat bijna 99% dat partnerbegrip overeenkomt.

[0:28:49] Dus er zouden geen verschuiving optreden.

[0:28:51] Maar goed, de ANOW is een grote regeling, dus die 1,4% waar het wel gevolgen voor heeft, dat betreft, zoals u ziet, gezamenlijk 55.000 mensen.

[0:28:59] Dat is natuurlijk toch best wel weer een groot aantal.

[0:29:02] Maar dan gaat het om 35.000 gerechten die zouden van 50 naar 70 gaan.

[0:29:08] Die zijn nu beoordeeld als een gezamenlijke huishouding.

[0:29:10] Maar die zijn geen objectief partner.

[0:29:12] En andersom zien we 20.000 mensen die van 70 naar 50 procent van het WML gaan, omdat die nu geen gezamenlijke huishouding vormen, maar wel nog steeds objectief een partnerschap hebben.

[0:29:24] De validatiesgroep is natuurlijk een forse inkomensachteruitgang, dat realiseren wij ons ook.

[0:29:28] Dus dan zou er gekeken moeten worden naar bijvoorbeeld overgangsrecht of een manier hoe dat goed vormgegeven kan worden.

[0:29:35] En tot slot, we hebben in die Kamerbrief ook aandacht besteed aan de maatschappelijke kosten en baten.

[0:29:40] Daar hebben we dus een MKBA voor laten uitvoeren.

[0:29:42] En het blijkt dat objectief partnerprep er ook voor gaat zorgen dat mensen sneller gaan samenwonen en sneller gaan mantelzorg verlenen.

[0:29:49] Dus die drempel waar ik het over had, die wordt zeker voor een deel van de alleenstaanden echt wel weggenomen.

[0:29:55] We zien dat we... Ja.

[0:29:58] Afkorting.

[0:29:59] De afkorting MKBA.

[0:30:00] Sorry, maatschappelijke kostenbatenanalyse.

[0:30:02] Ja, sorry.

[0:30:03] Dank voor de beduiding.

[0:30:04] Ja, ga verder.

[0:30:06] Ja, de baten zitten dus op het aantal ouderen dat extra gaat samenwonen ten opzichte van het huidige pad.

[0:30:12] Dat is een 6-uit-10.000-erschatting.

[0:30:14] Dat zou potentieel 1.500 tot 2.500 extra woningen opleveren.

[0:30:19] En de mantelzorgbaten, die worden geschat op 3-uit-7 miljoen per jaar.

[0:30:22] Wel met de nadruk dat het baten zijn.

[0:30:24] Het is niet een budgetair effect.

[0:30:26] Dit is echt een schatting wat het onderzoeksbureau voor ons heeft gedaan.

[0:30:30] Volgens mij is dat het stukje AOW.

[0:30:33] Heel veel dank.

[0:30:34] Gaan we denk ik naar het volgende blok.

[0:30:36] Pensioenen.

[0:30:38] Ja, ik zal jullie wat vertellen over pensioenen.

[0:30:41] Een groot deel daarvan gaat over de hervorming van het pensioenstelsel.

[0:30:45] Die is vastgelegd in de wet toekomstpensioenen.

[0:30:48] En die vindt zijn oorsprong in het pensioenakkoord van 2019 en 2020.

[0:30:54] Wat is daar afgesproken?

[0:30:57] Sterke elementen van het oude stelsel blijven behouden.

[0:31:00] En dat gaat het om samen premie inleggen.

[0:31:03] Fondsen blijven collectief beleggen en uitvoeren.

[0:31:06] en de verplichtstelling blijft behouden, dat soort elementen.

[0:31:09] Maar er zijn ook veranderingen en dat is namelijk dat de nieuwe pensioenregeling niet meer uitgaat van een belofte over de uitkering, maar een belofte over de premie.

[0:31:18] We gaan zoveel premie inleggen, dat gaan we beleggen en op een gegeven moment komt daar op je pensioendatum een uitkering uit.

[0:31:26] Dus voortaan is alleen maar opbouw mogelijk in een premieregeling en daarnaast is ook nog afgesproken dat

[0:31:32] Een element dat we kennen in het oude pensioenstelsel, dat heet dan de doorsnee systematiek, die zorgt eigenlijk van herverdeling van jonge werkenden naar oudere werkenden, dat die wordt afgeschaft.

[0:31:45] Dat staat hier dan niet, maar ook een belangrijk onderdeel is dat er de mogelijkheid is om het pensioen over te hevelen van het oude stelsel naar het nieuwe stelsel, daar kom ik zo meteen ook op terug.

[0:31:55] Daarnaast is in het pensioenakkoord afgesproken dat het nabestaande pensioen wordt hervormd,

[0:32:01] is specifiek dat die wordt gestandardiseerd en begrijpelijker wordt gemaakt.

[0:32:05] Daarnaast zijn afspraken gemaakt over het verbeteren van pensioensparen door zelfstandigen en werknemers.

[0:32:13] Meer keuzemogelijkheden, dus bedrag ineens.

[0:32:16] En dat de AOW-leeftijd, daar hebben we het al eerder over gehad, en afspraken over gezondheidspensioen.

[0:32:23] Dan kunnen we... Ja.

[0:32:25] Dan over die wethoekerspensioenen.

[0:32:28] Wat is nou de aanleiding van die wet?

[0:32:30] Dat zit hem in dat we zagen in de afgelopen... nou, voor 2022 eigenlijk, vanaf ongeveer 2008, dat de pensioenen niet werden verhoogd.

[0:32:38] Dat zien we in de cijfers, dat zien we in de maatschappij.

[0:32:40] Dat heeft geleid tot heel veel onvrede.

[0:32:43] Een tweede is dat jongeren, naast dat ze geen vertrouwen kregen over het feit dat de pensioenen niet verhoogd werden, ook niet konden inzien welk pensioen ze opbouwen.

[0:32:52] Dat komt door die doorsnee systematiek, want het geld dat ze betalen is niet de waarde van het pensioen dat ze terugkrijgen.

[0:32:59] En tot slot zien we ook bewegingen op de arbeidsmarkt.

[0:33:02] Mensen werken niet meer veertig jaar bij dezelfde baas.

[0:33:04] Er zijn wisselingen tussen werknemerschap en ondernemerschap.

[0:33:08] En die doorsnee systematiek, die zorgt er eigenlijk voor dat arbeidsmobiliteit belemmerd kan worden.

[0:33:13] Want de eerste twintig jaar betaal je eigenlijk meer dan de waarde die je terugkrijgt.

[0:33:19] Dus als je bijvoorbeeld op je 45e staat te worden werknemer, dan krijg je meer pensioen dan je daarvoor hebt betaald.

[0:33:25] Tot slot hadden fondsen weinig mogelijkheden om met risico's op de financiële markten om te gaan.

[0:33:33] Dus bijvoorbeeld renteafdekking.

[0:33:36] Moet ik dat collectief doen?

[0:33:37] Kan ik dat gericht doen?

[0:33:38] In het oude stelsel was het eigenlijk één instrument die voor het hele collectief werkte.

[0:33:43] Nou, en dit zijn dus de redenen waarom we het pensioenstelsel wilden hervormen, die ook voortkomen uit maatschappelijk dialoog.

[0:33:52] De doelen van de wethoekespensioenen sluiten daar natuurlijk op aan.

[0:33:58] Dus het eerste doel is eerder perspectieven op een koopkrachtige pensioen.

[0:34:02] Doordat we geen beloften meer doen over de hoogte van de uitkering, hoeven pensioenfondsen ook geen buffers aan te houden, veel kleinere buffers, waardoor de pensioenen ook eerder omhoog kunnen.

[0:34:13] Dus als een pensioenfonds rendement maakt, hoeft het niet eerst naar die buffer, dan kan het eerder naar de mensen toe.

[0:34:18] Tweede is dat door de afschaffing van de doorsneesystematiek de pensioenopbouw transparanter en persoonlijker wordt.

[0:34:24] In principe is de opbouw het geld dat je inlegt, daar wordt rendement op gehaald, dat wordt duidelijk gecommuniceerd naar deelnemers en dat is ook te achterhalen, zeg maar.

[0:34:33] En tot slot ook wat ik zei over die afschaffing van de doorsneesystematiek en de arbeidsmobiliteit.

[0:34:40] Doordat we dat afschaffen, sluit het beter aan op hoe de arbeidsmarkt nu in elkaar zit.

[0:34:45] En dan nog concreet over die uitwerking.

[0:34:48] Er is alleen nog maar opbouw toegestaan in een premieregeling, dus geen beloften meer doen over de hoogte van de uitkering, alleen maar de premie.

[0:34:57] En daardoor kan het pensioen ook eerder omhoog gaan, maar het pensioen kan natuurlijk ook omlaag gaan.

[0:35:03] De minder hoge buffers die worden aangehouden in een solidariteitsreserve of een risicodelingsreserve,

[0:35:08] die kunnen gerechter worden ingezet dan de hoge buffers die we hadden in het oude pensioenstelsel.

[0:35:14] Pensioenfondsen en sociale partners kunnen kiezen welke groepen bijvoorbeeld gefinancierd worden uit die buffer als er een tegenvaller is.

[0:35:23] En tot slot door, nou ja, dat is allemaal heel erg technisch, maar de risico's op de financiële markt kunnen beter worden verdeeld tussen generaties.

[0:35:32] Dan kunnen we deze even overslaan.

[0:35:35] Een belangrijk onderdeel van die wethoekerspensioenen is de transitie naar het nieuwe pensioenstelsel.

[0:35:42] Er is een keuze voor pensioenfondsen om het bestaande vermogen en de uitkeringen over te hevelen naar het nieuwe pensioenstelsel.

[0:35:48] Dat noemen we invaren.

[0:35:50] De reden voor die standaardkeuze voor invaren is dat we uit berekeningen hebben gezien

[0:35:56] ...dat de doelen van het nieuwe pensioenstelsel eerder bereikt kunnen worden.

[0:35:59] Als je al pensioen overheeft naar het nieuwe stelsel... ...kunnen ook de nieuwe regels daarop gelden.

[0:36:03] Dus als je dan rendement behaalt over dat hele vermogen... ...dan behaal je ook meer rendement en kunnen de pensioenen ook verhoogd worden.

[0:36:11] Daarnaast zijn er ook voordelen voor het pensioenfonds zelf.

[0:36:15] Het vermogen wordt niet gesplitst, het blijft bij één collectief.

[0:36:18] Risico's kunnen worden gedeeld tussen generaties.

[0:36:21] En natuurlijk ook voor de uitvoering en de administratie is het eenvoudiger.

[0:36:25] Goed om te noemen, het is dus een keuze van pensioenfondsen.

[0:36:29] Dus sociale partners die beoordelen of ze willen invaren, doen een verzoek aan het pensioenfonds en die toetst dat dan.

[0:36:37] En het belangrijkste criterium is dat dat evenwichtig is.

[0:36:40] Dus zij kijken voor alle generaties wat de gevolgen zijn en die moeten in balans zijn met elkaar.

[0:36:46] Zo mag het niet zo zijn dat een groep heel veel nadeel ondervindt ten opzichte van een andere groep.

[0:36:52] Dat leggen ze dan vast in implementatieplannen, communicatieplannen en vervolgens in een invaarbesluit.

[0:37:00] De fondsorganen toetsen dat en de toezichthouder neemt dat ook mee en toetst dat.

[0:37:06] En dan zien we in de praktijk dat er een aantal fondsen zijn die kiezen om niet in te varen.

[0:37:11] Dat zijn dan vaak fondsen die geen actieve opbouw meer hebben.

[0:37:15] Dat noemen we dan gesloten fondsen.

[0:37:17] Voor hun kan het dus, zij moeten ook beoordelen of dat evenwichtig is.

[0:37:21] Dat betekent dat er geen werknemers meer zijn en dat er alleen nog maar oude verplichtingen zijn, zeg maar.

[0:37:25] Ja, precies.

[0:37:25] Daar komt geen euro meer bij.

[0:37:27] Dus alleen, ja.

[0:37:31] Ja, dan kunnen we denk ik naar de volgende.

[0:37:34] Dit is de huidige situatie.

[0:37:36] Dus hoe staat het nu met de fondsen die willen overgaan naar het nieuwe pensioenstelsel?

[0:37:41] Vorig jaar zijn zes pensioenfondsen overgegaan naar het nieuwe pensioenstelsel.

[0:37:44] Op 1 januari zijn er nog 24 naar het nieuwe pensioenstelsel gegaan.

[0:37:47] Er zijn zo'n 150 fondsen.

[0:37:50] Maar in deelnemersaantallen zijn er eigenlijk per januari 2026 al meer dan de helft van het aantal deelnemers over naar het nieuwe pensioenstelsel.

[0:38:01] Een verplichting die in de transitie geldt is dat die deelnemers voor de transitie ook worden geïnformeerd over de persoonlijke gevolgen van hun pensioen.

[0:38:08] Dus in het najaar van 25 hebben zo'n 9,5 miljoen mensen een brief gekregen van hun pensioenuitvoerder.

[0:38:15] Wat betekent het nieuwe pensioenstelsel voor jou?

[0:38:18] En we hebben ook gezien dat dat in bijna alle gevallen leidt tot een... of gemiddeld genomen leidt tot een verhoging van ongeveer 14 procent.

[0:38:27] En die eerste uitkeringen die komen in februari bij sommige pensioenfondsen en in maart bij andere pensioenfondsen.

[0:38:34] En we zien ook dat binnen nu en een jaar eigenlijk ongeveer 95% van alle deelnemers over zullen zijn naar het nieuwe pensioenstelsel.

[0:38:46] Dan hebben we ook verzekeraars en premium pensioeninstellingen.

[0:38:50] Deze voerden in het oude stelsel, of in het huidige stelsel, eigenlijk al premieregelingen uit.

[0:38:57] Alleen het verschil is dat zij een progressieve premie hadden.

[0:39:01] Dat betekent dat de premie oploopt naarmate de leeftijd toeneemt.

[0:39:06] En in het nieuwe pensioenstelsel zijn er eigenlijk alleen maar vlakke premies toegestaan.

[0:39:10] Dus voor hun betekent het eigenlijk ook dat als werkgevers die bij een verzekeraar of pensioeninstelling zitten een nieuw contract moeten afsluiten, dat ze over moeten gaan naar een vlakke premie.

[0:39:19] En dat is ook een transitie.

[0:39:21] Alleen hebben we ervoor gekozen dat ze kunnen kiezen voor overgangsrecht.

[0:39:26] Dat noemen we dan eerbiedigende werking waarbij die oude premiestafel gewoon gehandhaafd kan blijven.

[0:39:31] En we zien in de praktijk dat ongeveer 80% van de werkgevers die een pensioenregeling heeft bij verzekeraar voor premie- en pensioeninstellingen ook hiervoor heeft gekozen.

[0:39:40] Belangrijk om hierbij te noemen is dat er zitten bij deze groep werkgevers zitten ook heel veel kleine werkgevers.

[0:39:48] Dus mensen met twee, drie, vier mensen personeel.

[0:39:52] Deze werkgevers hebben natuurlijk niet als core business dat ze pensioen leveren aan hun medewerkers.

[0:39:57] Die zijn ondernemer, die zijn daar begonnen misschien als zelfstandige en vervolgens hebben ze mensen aangenomen.

[0:40:03] Bij hen is nog niet helemaal doordrongen dat zij ook iets moeten doen.

[0:40:07] Dus of kiezen voor het overgangsrecht of een nieuwe pensioenregeling afsluiten.

[0:40:11] Dus eigenlijk, dat zien we in de cijfers, en sinds halverwege vorig jaar is een gecoördineerde aanpak van SZW gestart, samen met de werkgeversorganisaties, werknemersorganisaties, adviseurs en de verzekeraars.

[0:40:29] Op die manier willen wij zoveel mogelijk de kleine werkgevers gaan vinden, gaan activeren en ondersteunen met het werk dat zij moeten doen.

[0:40:39] Dan zou je kunnen zeggen, er is nog twee jaar,

[0:40:42] Dat zouden ook veel van die kleine werkgevers kunnen denken.

[0:40:44] Alleen zien we in de praktijk dat het wel van een half jaar tot anderhalf jaar kan duren voordat dat hele proces doorlopen is.

[0:40:52] Dat kan allerlei redenen hebben.

[0:40:55] Bijvoorbeeld omdat die ondernemer druk is met andere zaken.

[0:40:59] Omdat hij niet heel veel van pensioen afreedt.

[0:41:01] Omdat hij nog een adviseur moet vinden.

[0:41:03] Dus daarom zijn we nu al flink bezig om deze mensen te vinden en te bereiken en te ondersteunen.

[0:41:10] Want als je in 2028 niet in het nieuwe stelsel zit, dan wordt je huidige pensioenregeling, dan mag je niet meer gebruikmaken van de aftrek, de fiscale aftrek.

[0:41:19] Dus dan moet je meteen belasting betalen over je pensioenpremie.

[0:41:22] Dat leidt natuurlijk meteen tot enorm dip in de opbrengst.

[0:41:25] Dus dit is echt wel heel relevant.

[0:41:26] U zult hier straks ook in de stukken die wij de komende weken naar u toe sturen, zien dat wij hier echt bovenop gaan zitten en ook actie gaan ondernemen.

[0:41:40] Er is natuurlijk een jaar geleden discussie geweest in de Kamer over het amendement van mevrouw Jozef.

[0:41:46] Daar heeft de toenmalige minister ook geïnformeerd van wat gebeurt er nou als je halverwege een transitie aanpassingen doet in het pensioenkader of in het fiscaal kader.

[0:41:56] Eigenlijk is het als je aanpassingen doet in de pensioenwetgeving dan

[0:42:02] De partijen die nu midden in de transitie zitten moeten eigenlijk weer nieuwe plannen maken.

[0:42:07] Want de wetgeving geldt dan niet meer en dan moeten ze weer gaan wachten op die nieuwe wetgeving.

[0:42:11] En wat betekent dat dan?

[0:42:12] Dat betekent dat ze nieuwe berekeningen moeten maken.

[0:42:15] Dat betekent dat de evenwichtigheidsplaatjes er anders uit komen te zien.

[0:42:19] En dat zorgt dus voor vertraging in de transitie.

[0:42:22] En daarnaast hebben we ook nog aan de rechterkant wat financiële gevolgen laten zien.

[0:42:27] Goed om te weten is ook dat we in het kader van het herstel- en veerkrachtprogramma

[0:42:33] afspraken hebben gemaakt met de Europese Commissie over allerlei hervormingen die Nederland doet, waaronder dus ook de pensioenhervorming.

[0:42:44] Dat was in ieder geval over pensioenen.

[0:42:46] Dan heb ik nog wat slides over wat is nou de inkomens- en vermogenspositie van de huidige groep werkenden en de huidige groep gepensioneerden.

[0:42:59] Wat je op het bovenste plaatje kunt zien,

[0:43:02] Je ziet eigenlijk dat naarmate het inkomen toeneemt, het verwachte pensioeninkomen ook toeneemt.

[0:43:12] Dat hebben we daar onder gesplitst in meerdere pijlers.

[0:43:16] Hoe meer het inkomen toeneemt, hoe meer pensioen er is, hoe meer vermogen er is in de eigen woning of de eigen onderneming.

[0:43:23] En dat zien we dan in het tweede plaatje weer andersom, omdat we daar kijken naar het percentage.

[0:43:29] Dus we kijken wat is het percentage van het pensioeninkomen ten opzichte van het gemiddelde inkomen tijdens het werkende leven.

[0:43:37] En zo zien we dat naarmate het inkomen toeneemt, dat hij, dat noemen we dan vervanginsratio, ook afneemt.

[0:43:42] En een groot deel daarvan zit wel in de eigen woning of de eigen onderneming.

[0:43:49] En dan hebben we ook nog een plaatje over wat is nou het verschil tussen werknemers en zelfstandigen.

[0:43:53] Het principe is zeg maar de lijn hetzelfde.

[0:43:57] Dus naarmate het inkomen toeneemt, neemt de vervangingsratio af.

[0:44:01] Alleen zien we bij zelfstandigen dat een groter aandeel van hun pensioeninkomen zit in de eigen onderneming of de eigen woning.

[0:44:09] Dat betekent dat als zij hetzelfde maandelijkse inkomen willen hebben als een werknemer, dat ze hun huis moeten verkopen of hun onderneming moeten verkopen.

[0:44:18] Of accepteren dat ze minder maandelijkse inkomen hebben.

[0:44:24] Dan hebben we ook nog de koopkrachtontwikkeling van gepensioneerden.

[0:44:28] Het is moeilijk te lezen, denk ik, maar er zijn allemaal lijntjes.

[0:44:33] Het bovenste lijntje is de groep met een klein aanvullend pensioen.

[0:44:39] En dan zien we dat daar een stijgende lijn is.

[0:44:41] Dat betekent dat hun koopkrachtontwikkeling positief is geweest.

[0:44:44] Dit is trouwens een plaatje van 2011 tot 2022.

[0:44:48] Eigenlijk zien we dat hoe kleiner het aanvullend pensioen, hoe gunstiger de koopdrachtontwikkeling is.

[0:44:53] En andersom, hoe groter het aanvullend pensioen, hoe minder gunstig de koopdrachtontwikkeling is geweest.

[0:45:00] redenen waarom we die pensioenhervorming hebben gedaan, namelijk dat in de tweede pijler geen pensioenverhogingen plaatsvonden en dan blijkt de koopkrachtontwikkeling dus ook achter, terwijl de AOW wel verhoogd wordt.

[0:45:12] En voor mensen met een klein aanvullend pensioen is die AOW-verhoging dus voldoende om de koopkrachtontwikkeling te volgen en mensen met een wat groter aanvullend pensioen is dat niet het geval.

[0:45:26] Dan is er ook nog een plaatje met een vergelijking tussen werkende en gepensioneerde.

[0:45:31] Deze loopt iets langer door, dus tot en met 2024.

[0:45:36] Daarbij zien we ook dat inderdaad dit allemaal gemiddeld is.

[0:45:39] Dus er zijn natuurlijk heel veel voorbeelden waarbij het hoger of lager is.

[0:45:43] Gemiddeld genomen loopt het bij elkaar in de pas.

[0:45:47] Alleen zit er wel een verschil.

[0:45:50] En tot slot hebben we ook nog de vermogenspositie.

[0:45:55] Het is niet alleen de vermogenspositie van gepensioneerden, maar eigenlijk van iedereen in Nederland in 2020.

[0:46:02] Naarmate de leeftijd toeneemt en naarmate het opleidingsniveau toeneemt, is er ook meer vermogen.

[0:46:07] Dus dat is vermogen in pensioen, vermogen in de eigen woning, spaarvermogen, alle soorten vermogens.

[0:46:13] En we zien vanaf 75 jaar dat er eigenlijk vrij weinig vermogen is.

[0:46:18] En dit is een momentopname, dus dat betekent niet dat als je 75 bent en je wordt 76 dat je vermogen gelijk naar beneden gaat, maar dat is die groep die toen gemeten werd.

[0:46:37] Zijn we nu bij het laatste blokje op land, klopt dat?

[0:46:38] Ja.

[0:46:39] Ik had een vraag na het laatste blokje, of is het een verhandelende vraag over de vorige slide?

[0:46:43] De vorige slide.

[0:46:43] Dan doen we even snel de slide, ja.

[0:46:45] De vraag is waarom vermogen thuishoort in deze presentatie.

[0:46:50] Niet echt een verhandelende vraag, maar misschien een toffe reactie erop.

[0:46:54] Nou, de inkomens- en vermogenspositie van gepensioneerden is... Pensioen is ook een soort vermogen.

[0:47:00] Vermogen kan je ook omzetten in een maandelijkse uitkering.

[0:47:03] Dus het is voor de financiële situatie,

[0:47:06] van een huishouden is het relevant om te kijken naar welke maandelijkse inkomen heb je, welk spaarvermogen heb je.

[0:47:14] En daarom hebben we het meegenomen, om het complete plaatje te laten zien.

[0:47:17] Dank, we gaan naar het laatste blokje, de RVU.

[0:47:20] Dan zal ik nog kort wat vertellen over de regeling vervoegd uitvreden.

[0:47:24] De RvU is dat ze een arbeidsvoorwaardelijke afspraak tussen werkgever en werknemer waarbij de werkgever eigen uitkeringen vertrekt aan de werknemer die daarmee de periode tot aan zijn of haar AOW kan overbruggen.

[0:47:37] Sinds 2005 hebben we in Nederland de RVU-heffing.

[0:47:40] Dat is een fiscale maatregel die bedoeld is om langer doorwerk te bevorderen en eigenlijk eerder uitreden te ontmoedigen.

[0:47:47] En met het pensioenakkoord zoals eerder al aan bod kwam in 2019 zijn naast afspraken over de herziening van het pensioenstelsel ook afspraken gemaakt over gezond werk naar het pensioen.

[0:47:57] Een van de tijdelijke overgangsmaatregelen was de RvU-drempelvrijstelling.

[0:48:01] Die liep van 2021 tot en met 2025.

[0:48:04] En met die vrijstelling zijn eigenlijk RvU-regelingen van de werkgever aan de werknemer vrijgesteld van die heffing.

[0:48:12] Onder voorwaarde dat het maximaal drie jaar voor de AOW en ook tot een drempelbedrag dat in netto termen gelijk is aan een netto AOW-uitkering.

[0:48:20] Dus de werkgever kan zonder heffing te betalen.

[0:48:23] Daarmee kan de werknemer maximaal drie jaar eerder stoppen of korter.

[0:48:27] met een bedragshoogte van netto AOW.

[0:48:31] Het doel was eigenlijk om ruimte te bieden aan werkgevers en werknemers om afspraken te maken over eerdere uittreden voor oudere werknemers die zich niet hadden kunnen voorbereiden op de versnelde verhoging van de AOW-leeftijd en die niet gezond konden blijven werken tot de AOW-leeftijd.

[0:48:45] En tegelijk werd er ook subsidie verstrekt voor investeringen in duurzaam en zerpeheid en onder voorwaarde ook RVU's.

[0:48:50] Dat was de maatwerkregeling duurzame en zerpeheid en eerdere uittreden.

[0:48:54] Ook die tijdelijke overgangsmaatregel liep tot en met eind vorig jaar.

[0:49:00] Volgende slide.

[0:49:02] In 2024 hebben vakbondenwerkgevers en het kabinet een akkoord bereikt over de situatie na 2025, dus na het aflopen van die tijdelijke overgangsmaatregelen.

[0:49:13] In deze slide staat een beetje een samenvatting van het akkoord.

[0:49:16] Het akkoord is ook online te vinden.

[0:49:19] De RIVU-drempvrijstelling wordt vanaf 2026 structureel voortgezet met EIC-momenten, maar dan wel onder de voorwaarden dat het beheerst en vooral ook goed gericht is op werknemers die door zwaar werk niet gezond kunnen blijven werken tot de AOW-leeftijd.

[0:49:33] Er is afgesproken dat het nog steeds aan decentralized sociale partners is om te bepalen wat dan zwaar werk is in een bedrijf of in een sector.

[0:49:42] Maar er zijn wel ook afspraken gemaakt over hoe die RfU-regelingen er dan uit moeten zien om zo goed mogelijk die groep te bereiken.

[0:49:49] Dat houdt in dat RfU-afspraken altijd een onderbouwde afpaking bevatten van de doelgroep, gericht op belastende functies of werkzaamheden en gebaseerd op objectieve criteria.

[0:49:59] CO-partijen kunnen ook een inkomensgrens overwegen om beter die groep werknemers te bereiken die door die niet met eigen middelen al eerder kunnen stoppen met werken.

[0:50:08] Daarnaast is afgesproken dat die doelgroep periodiek wordt herzien en dat die afbakening waar CO-partijen mee komen, dat zij die voorleggen aan een derde partij.

[0:50:18] Dat is uiteindelijk TNO geworden.

[0:50:19] Die richt daarvoor een expertisecentrum zwaar werk op en die zal dus gaan adviseren aan CO-partijen over de zwaar werk afbakening.

[0:50:26] En ook is afgesproken dat als je een RIVU-afspraak maakt, dat je dan ook tegelijk moet inzetten op duurzaam en zetbaarheid, zodat die groep bijvoorbeeld gezond kan blijven doorwerken.

[0:50:40] Verder is ook afgesproken wat betreft het drempelbedrag.

[0:50:43] We zagen eerder dat het RIVU-bedrag is in netto termen gelijk aan een netto AOW-uitkering.

[0:50:49] In het akkoord is afgesproken dat er 300 euro bruto per maand extra fiscale ruimte komt, bedoeld voor knellende gevallen, dus bijvoorbeeld mensen met een laag inkomen of weinig aanvullend pensioen.

[0:51:00] En is ook afgesproken dat CAO-partijen zelf de afweging maken of ze van die extra fiscale gebruik willen maken.

[0:51:09] Dat drempelbedrag, dat vrijgestelde bedrag, dat wordt steeds jaarlijks in lijn met de AOW herzien.

[0:51:14] En dat was ook al zo tijdens de tijdelijke RVU-maatregel.

[0:51:19] Wat nog wel goed is om te weten, met de belastingplan is geregeld dat de heffing die je betaalt buiten het vrijgestelde kader, dat die stapsgewijs wordt verhoogd naar 65 procent vanaf 2028.

[0:51:30] Verder is afgesproken dat de sociale partners in het kabinet samenwerken aan een agenda voor duurzaam en zetbaarheid, om zo gezond langer doorwerken te bevorderen.

[0:51:40] Hiervoor zijn ook de middelen die resteren uit de MDA-regeling die we eerder zagen, zijn daarvoor beschikbaar.

[0:51:47] Ook wordt onderzocht om te kijken welke manieren er zijn om de gerichtheid en de beheersbaarheid van de RIVU-maatregel beter te borgen, bijvoorbeeld door te kijken of je tot een uitvoerbare fiscale regeling kan komen die uitsluitend gericht is op zwaar werk.

[0:52:00] En bij het EIC-moment, waar ik later op terugkom, daar zal dan de afweging worden gemaakt van, zou zo'n alternatief mogelijk een beter alternatief kunnen zijn ten opzichte van de systematiek die we nu hebben, namelijk een generieke fiscale maatregel met daaroverheen centrale afspraken over hoe die wordt ingezet.

[0:52:18] Verder zijn ook afspraken, nog heel even hoor, ook afspraken gemaakt over het verlostbare, kijken welke praktische belemmeringen er zijn en welke oplossingsrichtingen er mogelijk zijn.

[0:52:27] En een systematiek van jaarlijkse monitoring en driejaarlijkse eiking.

[0:52:30] Dus ieder jaar kijken we dan wat is de voortgang op duurzame zetbaarheid, hoe ziet de gerichtheid eruit van de RVU-regelingen en CAO's.

[0:52:37] Wat is het gebruik, waarbij ook een signaalwaarde is afgesproken van 15.000 nieuwe RvU-deelnemers per jaar.

[0:52:43] En ook informatie over de profielen van mensen die nu gebruik maken van zo'n RvU-regeling.

[0:52:48] En bij een driejaarlijks EIC-moment wordt dan eigenlijk bepaald, dan gaan de sociale partners en het kabinet met elkaar in overleg om te bepalen van zitten we nu op het gewenste pad met z'n allen, met de voortgang van de afspraken.

[0:53:00] Volgende slide.

[0:53:03] En dan tot slot nog kort een tijdlijn van de uitvoering van de afspraken uit het akkoord.

[0:53:08] In mei vorig jaar is de Kamer geïnformeerd over de uitwerking van de afspraken uit het akkoord.

[0:53:13] Sinds enuari dit jaar is de voortzetting van de RVU-drempelvrijstelling geregeld met het Belastingplan van 2026.

[0:53:21] Begin van het tweede kwartaal van 2026 zal naar vrachting TNO open gaan, zodat CO-partijen hun RIVU-afbakening kunnen indienen voor advies.

[0:53:32] En voor de zomer van dit jaar vindt de jaarlijkse monitoring plaats van de afspraak, waarbij ook de Kamer wordt geïnformeerd.

[0:53:38] En voor de zomer van 2028 is dan het eerste EIC-moment van de afspraak uit het akkoord.

[0:53:45] Tot zo.

[0:53:46] Heel veel dank.

[0:53:47] En heel goed dat het toch gelukt is om voor 11 uur alles laatst te behandelen.

[0:53:49] Daarvoor enorm veel dank.

[0:53:51] Ik kan me voorstellen dat er nog steeds vragen uit de Kamer zijn.

[0:53:53] Dus ik kijk even rond of er enige ruimtes en agendas om uit te lopen bij sommigen.

[0:53:57] Ik weet één iemand die heeft verplichtingen.

[0:54:00] Ja, de rest kan nog wel even een paar vragen doen.

[0:54:02] Ja, mevrouw van der Ark gaat naar de plenaire zaal.

[0:54:04] Dan vraagt de heer Mulders of hij het voorzitterschap kan overnemen, want ik heb een verplichting om 11 uur.

[0:54:09] Natuurlijk, voorzitter.

[0:54:12] Dank iedereen en dan gaan we verder met de vragen uit de Kamer en de heer Mulder neemt het over.

[0:54:17] Of er vragen zijn?

[0:54:18] Wilt u het het liefst per vraag beantwoorden of moet ik ze van tevoren inventariseren?

[0:54:28] Per onderwerp?

[0:54:29] Per vraag.

[0:54:29] Per vraag, oké.

[0:54:31] Wie had een vraag?

[0:54:34] Beginnen we bij u.

[0:54:37] Het ging nogal snel over de AOW en ik weet dat Sociale Verzekeringsbank dingen wil eenvoudigen, vooral zeg maar alleenstaanden en dergelijke.

[0:54:53] Kunt u nu nog even weer terugnemen wat het effect is, wat de vereenvoudiging is?

[0:55:00] Want u zei dat dat zal financiële gevolgen hebben.

[0:55:03] Dus leg het gewoon nog even rustiger uit.

[0:55:07] Tuurlijk.

[0:55:09] En dan bedoelt u op het objectief partnerbegrip, denk ik, hè?

[0:55:12] Nou, ik had uitgelegd dat nu die uitkeringshoogte wordt gebaseerd op die gezamenlijke huishouding, dat u dat beoordeelt, dus de SVB, en daar heeft ze inderdaad van gezegd, nou, dat vinden wij complex, dat willen we ook graag vereenvoudigd zien.

[0:55:23] Er is in 2021 een verkenning uitgevoerd en er zitten eigenlijk drie smaken in, dus dan heb je dat objectief partnerbegrip, waar de minister van het vorige kabinet voor gekozen heeft,

[0:55:34] Je hebt nog individualisering van de AOW, waardoor je dus eigenlijk maar één uitkeringshoogte gaat hanteren.

[0:55:38] En je hebt nog de variant dat je het adres als uitgangspunt neemt.

[0:55:41] Dus dan baseer je echt de uitkeringshoogte puur alleen op het adres van inschrijving.

[0:55:47] Die laatste twee hebben substantiële negatieve gevolgen.

[0:55:52] Daar heeft de minister toen van gezegd, dat gaan we nu niet verder uitwerken.

[0:55:55] En we kiezen voor het objectief partnerbegrip.

[0:55:57] En dat is dus het partnerbegrip dat dus ook in toeslagen en in de fiscaliteit zit.

[0:56:01] het huwelijk en geregistreerd partnerschap, dan wel op één adres wonen, plus een gezamenlijk koophuis, een pensioenpartner, een gezamenlijk kind of een samenlevingscontract.

[0:56:14] En dan sluiten we dus eigenlijk aan met het begrip bij de toeslagen en de fiscaliteit, en dan is dat begrip dus voor mensen hetzelfde.

[0:56:21] En die gevolgen die ik op de slide had laten zien, dat komt dus door die verschuivingen.

[0:56:26] Dus de begrippen komen, voor 99% zouden dus geen verschuiving opleveren,

[0:56:31] Maar voor 1,4% dus wel.

[0:56:34] En omdat de AOW natuurlijk bijna 4 miljoen gerechten heeft, gaat dat nog steeds om een grote groep.

[0:56:42] En op het moment dat ervoor wordt gekozen om dit te implementeren, moet daar natuurlijk goed mee omgegaan worden.

[0:56:48] En er zit ook een budgetair effect aan, dat klopt ook.

[0:56:53] Nog een afvullende vraag?

[0:56:55] Nou ja, klinkt heel objectief.

[0:56:57] Het heeft gevolgen.

[0:57:00] Hoeveel dan precies in de portemonnee voor mensen, kunt u dat schetsen?

[0:57:04] Ja, die 35.000 die ik als eerste noemde, dat is de groep die dus van de lage AOW naar de hoge AOW gaat.

[0:57:13] Dat is een verschil van vijfhonderd euro bruto ongeveer.

[0:57:17] Dat is een grotere groep dan de groep die er op achteruit gaat.

[0:57:20] Maar die groep die er op achteruit gaat, gaat dus van zeventig naar vijftig procent.

[0:57:24] Dus je gaat van zestienhonderd naar elfhonderd.

[0:57:26] Maar dat is op het moment dat je echt heel staccato zou invoeren.

[0:57:30] En dat moet je natuurlijk, als je een wet zou gaan maken, zou je daar natuurlijk heel goed moeten...

[0:57:34] over na moeten denken hoe je dat goed vormgeeft.

[0:57:39] Je zou dus kunnen denken bijvoorbeeld dat je oude rechten respecteert, dus dat je mensen eigenlijk niet meer daarmee lastig valt.

[0:57:44] Maar goed, er zijn heel veel smaken waar je over nagedacht kan worden.

[0:57:51] Dit antwoord staat ook in de slides volgens mij.

[0:57:55] Klopt en er staat nog meer toelichting in die kamerbrief van 8 oktober.

[0:58:03] Mevrouw Partijn.

[0:58:05] Ik heb nog zoveel vragen, dus we komen er zeker nog een keer langs, als het mag.

[0:58:09] Maar één heel specifieke is de leversverwachting en de verhoging van de ANWB.

[0:58:16] Volgens mij was in de laatste aanpassing de aanpassing eigenlijk een beetje voorbare, want was de leversverwachting lager dan de daaraan gekoppelde verhoging.

[0:58:29] En dat is niet gecorrigeerd, klopt dat?

[0:58:31] En twee, hoe voorkomen we dat dan voor de toekomst?

[0:58:34] Dat klopt, in 2028 is hij dus voor het eerst op basis van de CBS-cijfers die we toen krijgen.

[0:58:41] CBS levert die cijfers jaarlijks dus bij ons aan.

[0:58:44] En daar op basis van die resterende levensverwachting wordt dus de AOW-leeftijd vastgesteld.

[0:58:50] En in 2028 ging hij inuit van 67 jaar naar 67 jaar en drie maanden.

[0:58:55] Wat we het jaar daarop zagen, was dat CBS die cijfers bijstelde.

[0:59:00] En op het moment dat wij de AOW-leeftijd hebben aangekondigd, en dat moet dus tenminste vijf jaar van tevoren voor die voorbereidingstijd voor mensen, dan kan de AOW-leeftijd niet meer zomaar gewijzigd worden.

[0:59:10] Dat zou dan een wetswijziging vergen.

[0:59:13] Dat heeft natuurlijk alle consequenties van dien.

[0:59:18] Dan moet uw Kamer dan een beslissing overnemen of ze dat wel of niet wil.

[0:59:32] Meneer Nijhuis, heeft u nog een vraag?

[0:59:35] Ja, ik had nog een vraag over het bedrag ineens.

[0:59:38] Meer over het proces, hoe het daar precies staat.

[0:59:41] Want volgens mij is dat al een paar keer uitgesteld enzo.

[0:59:44] Wat is nu de laatste stand van zaken daarop?

[0:59:46] Dat wetsvoorstel, de herziening van het bedragneeswetsvoorstel, is in het najaar van 2024 aangenomen in de Tweede Kamer.

[0:59:53] Die is vervolgens naar de Eerste Kamer gegaan.

[0:59:55] Er zijn allerlei schriftelijke vragenrondes geweest.

[1:00:00] En daar zitten we nu nog steeds in.

[1:00:01] Dus er is nu volgens mij een derde ronde schriftelijke vragen.

[1:00:05] En nadat die vragen zijn beantwoord, dan kan de Eerste Kamer overgaan tot inplannen van plenaire behandeling.

[1:00:13] Heeft u nog een vraag, meneer Keulemans?

[1:00:16] Ja, één korte vraag.

[1:00:17] Dat gaat dan over de tijd die begint te dringen voor werkgevers om naar het nieuwe stelsel over te gaan.

[1:00:23] Ik heb ook inderdaad het idee dat mensen denken van ze kunnen nu nog achteroverleunen want het is nog twee jaar.

[1:00:28] Daar ging u zelf al even op in.

[1:00:30] Er werd ook gezegd van daar gaan we binnenkort meer actie op zetten om werkgevers daar ook attent op te maken.

[1:00:36] Maar kunt u daar nog iets meer over vertellen hoe dat eruit gaat zien?

[1:00:39] Ja, die acties moet je echt zien in het creëren van aandacht en bewustwording.

[1:00:43] Dus die aandacht moet ertoe leiden dat kleine werkgevers ook bereikt worden over het feit dat ze wat moeten doen.

[1:00:49] Dat proberen we via gerichte kanalen, denk aan brancheorganisaties, te doen.

[1:00:54] En we bieden ondersteuning als in, hoe kan je het doen?

[1:00:58] En we hebben heel veel gesprekken met de partijen die daarboven staan, dus werkgeversorganisaties, maar ook verzekeraars en premium pensioeninstellingen, waarbij we eigenlijk ook het gesprek aangaan, zodat zij in gesprek komen met die werkgever om aan te geven van, wees ervan bewust dat jij actie moet ondernemen.

[1:01:16] Want het primaat ligt altijd bij de werkgever, want het is een arbeidsvoorwaarde, dus daar ligt het.

[1:01:21] Een verzekeraar kan niet zomaar eigenstandig

[1:01:24] ...iets aanpassen voor een werkgever.

[1:01:27] Dus op die manier zou je hem moeten zien.

[1:01:30] Dus echt in de activerende en ondersteunende sfeer.

[1:01:34] Is dat duidelijk?

[1:01:36] Of heeft u nog een afvullende vraag?

[1:01:39] Heel kort aanvullend dan, dat begrijp ik inderdaad.

[1:01:41] En ik begrijp ook dat die slag helemaal niet overgeslagen kan worden.

[1:01:44] Het kan er natuurlijk nog zijn dat zelfs met deze insteek dat er nog steeds een groep niet bereikt gaat worden, waar werknemers natuurlijk op een gegeven moment gigantisch het dupe van kunnen worden.

[1:01:55] Dus worden er al scenario's ontwikkeld op het moment dat blijkt dat ook met deze inzet bepaalde werkgevers nog onvoldoende bereikt worden?

[1:02:04] Wat goed is om te weten is dat die negatieve prikkel, dus dat het heel erg nadelig is om de datum, de deadline niet te halen, is juist ook een motivatie om snel aan de slag te gaan.

[1:02:15] Dus het is niet zo dat wij nu al zeggen, oh hou je het niet, dan verplaatsen we die deadline, want dan ontstaat het risico dat mensen achterover gaan leunen.

[1:02:21] Wat wel zo is, is dat we bijhouden hoeveel zijn er over, hoe groot is die groep.

[1:02:27] En we weten van de Belastingdienst dat als dat een hele kleine groep is, dan zijn er ook situaties waarbij een soort uitzondering mogelijk is.

[1:02:36] En op die manier een soort van respite is.

[1:02:39] Maar als dat een hele grote groep is, dan moeten we dan tegen het najaar van 27 kijken van wat kunnen we hier dan mee doen.

[1:02:44] Maar het heeft echt als functie een afschrikwerkende effect.

[1:02:50] Oké, dan was dit de technische briefing.

[1:02:52] Heel veel dank aan de ambtenaren van het ministerie.

[1:02:55] Fantastisch gedaan.

[1:02:57] Wordt vervolgd.