Regeling voor boeren om emissies te verlagen door te extensiveren

Van 1 juni tot 29 juli 2026 staat de ‘Subsidieregeling extensivering melkveehouderij’ (Sem) open waarmee melkveehouders de mogelijkheid krijgen om de uitstoot van ammoniak en broeikasgassen en de mestproductie op het bedrijf te verlagen. Dit is een regeling die bijdraagt aan de kabinetsdoelen om de opgave om de stikstofuitstoot omlaag te brengen en de natuur te versterken. De regeling betekent dat melkveehouders gedurende een periode van drie jaar 10 tot 20% minder koeien gaan houden. Zij ontvangen daarvoor een jaarlijkse vergoeding voor de inkomstenderving als gevolg van lagere melkopbrengsten en vergoeding voor het bijbehorende fosfaatrecht dat uit de markt wordt gehaald. Daarnaast kunnen boeren gebruikmaken van een rentekorting bij banken wanneer zij een duurzame investering doen voor hun bedrijf. Voor de regeling is € 627 miljoen beschikbaar.

Dit staat in de Kamerbrief die minister Van Essen van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) vandaag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. Op 14 april heeft de Europese Commissie de regeling goedgekeurd. Voor boeren is deze regeling een van de mogelijkheden om het bedrijf te extensiveren en daarmee toekomstbestendig te maken.

Minister Van Essen van LVVN: “Ik ben blij dat met de Sem er weer een mogelijkheid bijkomt voor boeren om het bedrijf toekomstbestendig te maken. Dit draagt bij aan het structureel verminderen van de stikstofuitstoot en daarmee ook aan natuurherstel en vermindering van broeikasgassen. Ik heb waardering voor boeren die deze stap maken en bijdragen aan het oplossen van de milieuopgaven. Want ik besef dat dieren wegdoen voor boeren impact heeft. Een vergoeding voor het inkomensverlies kan dit verlichten.”

Subsidieregeling extensivering melkveehouderij

In juni en juli 2026 kunnen melkveehouders zich inschrijven voor de Sem. Dat betekent dat zij ervoor kiezen om 10 tot 20% minder koeien te houden ten opzichte van 2025. Hiervoor krijgen zij gedurende drie jaar een vergoeding op basis van de jaarlijkse inkomstenderving als gevolg van lagere melkopbrengsten. Daarnaast ontvangen zij een vergoeding voor het bijbehorende fosfaatrecht dat wordt doorgehaald. De jaarlijkse vergoeding voor de inkomstenderving is bepaald aan de hand van de melkopbrengst van een gemiddelde koe en de transactiekosten, dit komt op € 1606. Daarbij staan boeren een deel van hun fosfaatrecht af en daarvoor is een vergoeding van € 110 per recht. De fosfaatrechten verdwijnen definitief van de markt.

Daarnaast leveren ook, mede op verzoek van de Tweede Kamer, de Nederlandse banken een private bijdrage. Dat voorziet in rentekortingen wanneer boeren willen investeren in een verduurzaming op het bedrijf, waarvoor een nieuwe lening nodig is.

Er zijn twee bijkomende voorwaarden bij het meedoen aan de regeling, namelijk: het areaal grasland op het bedrijf mag gedurende drie jaar niet afnemen en het aantal andere graasdieren (jongvee, schapen, geiten, paarden etc.) op het bedrijf mag gedurende drie jaar niet toenemen. Melkveehouders mogen na drie jaar eventueel weer ervoor kiezen terug te gaan naar het oorspronkelijke aantal koeien door nieuwe fosfaatrechten te kopen of te leasen.

Meer informatie

Eind van het jaar verwacht de minister van LVVN meer informatie te kunnen delen over het aantal deelnemers en de verwachte opbrengst in het kader van ammoniak, broeikasgassen en mestproductie. Ondernemers die meer informatie willen over de regeling kunnen vanaf medio april terecht bij de RVO.nl.