Het voorjaarssemesterpakket voor 2026 bevat een routekaart voor het bevorderen van economische veerkracht en sociale cohesie in de hele EU
Vandaag heeft de Commissie het voorjaarspakket van het Europees Semester 2026 goedgekeurd. In een omgeving die wordt gekenmerkt door geopolitieke onzekerheid, bevat het pakket beleidsrichtsnoeren voor de lidstaten, met bijzondere aandacht voor het versterken van het concurrentievermogen, de strategische autonomie, de economische en sociale veerkracht en de cohesie van de EU, met behoud van de houdbaarheid van de begroting.
De toenemende mondiale spanningen, verhoogde veiligheidsrisico's en klimaatgerelateerde uitdagingen, naast de volatiele energieprijzen en de aanhoudende druk op de kosten van levensonderhoud, blijven wegen op de Europese economie, met gevolgen voor zowel huishoudens als bedrijven. Als reactie hierop biedt dit voorjaarspakket, in overeenstemming met het kompas voor het concurrentievermogen van de Unie, richtsnoeren om de maatregelen te richten op de belangrijkste EU-prioriteiten. Het is gericht op het ontsluiten van het volledige potentieel van de eengemaakte markt, het dichten van de innovatiekloof, het versnellen van de decarbonisatie en het verminderen van strategische afhankelijkheden, het bevorderen van banen en vaardigheden, het aanpakken van de huisvestingscrisis en het waarborgen van sociale rechtvaardigheid en cohesie. Het Europees Semester ondersteunt de lidstaten ook bij het aanpakken van structurele uitdagingen en het handhaven van macro-economische stabiliteit en gezonde overheidsfinanciën.
De verwezenlijking van deze prioriteiten vereist duurzame hervormingen en investeringen in de hele Unie. In dit verband blijven de herstel- en veerkrachtfaciliteit, het cohesiebeleid en andere financieringsinstrumenten van de EU een centrale rol spelen bij de ondersteuning van de hervormingsinspanningen en strategische investeringen van de lidstaten.
Gerichte aanbevelingen aan de lidstaten
De cyclus 2026 van het Europees Semester biedt een robuust analytisch kader voor het vaststellen van toekomstige beleids- en investeringsbehoeften op een breed scala van gebieden, waaronder die welke gericht zijn op het verminderen van economische, sociale en territoriale verschillen. In dit verband worden in de landverslagen van 2026 de economische en sociale ontwikkelingen in elke lidstaat geanalyseerd en wordt beoordeeld in hoeverre zij uitvoering hebben gegeven aan de uitgebreide reeks landspecifieke aanbevelingen die de Raad in 2025 heeft aangenomen.
Op basis van de analyse en de belangrijkste uitdagingen die in de landverslagen zijn vastgesteld, stelt de Commissie landspecifieke aanbevelingen voor 2026 voor, met richtsnoeren op maat voor elke lidstaat.
Om het concurrentievermogen van de EU te versterken, worden de lidstaten in het voorjaarspakket opgeroepen beleidsmaatregelen te nemen op de volgende gebieden:
- Het waarborgen van de houdbaarheid van de begroting en het handhaven van de macro-economische stabiliteit.
- Het dichten van de innovatiekloof en het stimuleren van O&O-investeringen.
- Vermindering van belemmeringen voor de eengemaakte markt, vermindering van overregulering, versterking van de rechtsstaat en waarborging van een doeltreffend institutioneel kader.
- Vereenvoudiging van de regelgevingskaders en vermindering van de administratieve lasten, waardoor een duidelijk en stabiel ondernemingsklimaat wordt gewaarborgd.
- Het versnellen van de betaalbare transitie naar schone energie, het versterken van netwerken en opslag, het verbeteren van de energiezekerheid en het afstemmen op de klimaatdoelstellingen.
- Bevordering van besparingen in aanvullende pensioenregelingen en verbetering van de toegang tot innovatiefinanciering.
- Het leveren van eenvoudige en digitale overheidsdiensten en het bevorderen van de digitale transformatie.
- Bevordering van hoogwaardige banen, eerlijkere arbeidsmarkten en investeringen in menselijk kapitaal, waarbij onderwijs, opleiding en vaardigheden worden afgestemd op de behoeften van de arbeidsmarkt.
- Armoedebestrijding, verbetering van de sociale bescherming en verbetering van de toegang tot en de betaalbaarheid van gezondheidszorg en langdurige zorg.
- Vergroting van de economische, sociale en territoriale cohesie en vermindering van de verschillen tussen regio's.
- Verhoging van de betaalbaarheid van huisvesting.
Begrotingstoezicht in het kader van het stabiliteits- en groeipact
In het voorjaar van 2026 heeft de Commissie beoordeeld of de lidstaten het begrotingskader van de EU naleven. De beoordeling heeft betrekking op zowel 2025 als 2026 en is gericht op de groei van de netto-uitgaven, in voorkomend geval rekening houdend met de flexibiliteit waarin de nationale ontsnappingsclausule voor defensie voorziet. Wat betreft de lidstaten waartegen een buitensporigtekortprocedure loopt, beveelt de Commissie de Raad vandaag aan de buitensporigtekortprocedure voor Malta in te trekken. Voor Oostenrijk, België, Finland, Frankrijk, Hongarije, Italië, Polen, Roemenië en Slowakije, was de Commissie van oordeel dat doeltreffende maatregelen zijn genomen om het buitensporige tekort te corrigeren. Daarom hoeven in dit stadium geen verdere stappen te worden ondernomen in het kader van de BTP.
De Commissie heeft op grond van artikel 126, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) een verslag opgesteld om te beoordelen of Bulgarije, Duitsland, Estland, Letland en Slovenië aan het tekortcriterium van het Verdrag voldoen. In het licht van de beoordeling in het verslag is het in dit stadium gerechtvaardigd voor Bulgarije een buitensporigtekortprocedure in te leiden.
Voor lidstaten waarvoor momenteel geen BTP loopt, heeft de Commissie de vooruitgang bij de uitvoering van budgettair-structurele plannen voor de middellange termijn beoordeeld.
Voor lidstaten die in het kader van hun plannen voor de middellange termijn een begrotingsaanpassingsperiode van zeven in plaats van vier jaar genieten [België, Duitsland, Spanje, Frankrijk, Italië, Oostenrijk, Roemenië en Finland], heeft de Commissie ook de uitvoering beoordeeld van de belangrijkste stappen van de hervormings- en investeringsverbintenissen die aan de verlenging ten grondslag liggen, rekening houdend met de informatie in de jaarlijkse voortgangsverslagen. Over het geheel genomen is de Commissie van oordeel dat alle betrokken lidstaten hun verbintenissen op bevredigende wijze zijn nagekomen.
In de toekomst kunnen lidstaten die actie ondernemen om de energiezekerheid van Europa te versterken en de transitie van fossiele brandstoffen te versnellen, om beperkte fiscale flexibiliteit verzoeken in het kader van de huidige nationale ontsnappingsclausule voor defensie-uitgaven. Op verzoek van de lidstaat kan het toepassingsgebied van de clausule worden uitgebreid met maatregelen die sinds februari 2026 zijn genomen om de afhankelijkheid van ingevoerde fossiele brandstoffen te verminderen en zo de veiligheid en veerkracht van Europa te vergroten. Binnen het bestaande plafond (1,5 % van het bbp) voor extra defensie-uitgaven in het kader van de nationale ontsnappingsclausule zullen een specifiek jaarlijks plafond voor de periode 2026-2028 (0,3 % van het bbp) en een cumulatief plafond (0,6 % van het bbp) voor dezelfde periode specifiek van toepassing zijn op energieveerkrachtmaatregelen. Belangrijk is dat deze aanpak ervoor zorgt dat alle waarborgen voor budgettaire houdbaarheid volledig van kracht blijven.
Beoordeling van macro-economische onevenwichtigheden
De Commissie heeft het bestaan van macro-economische onevenwichtigheden beoordeeld voor de zeven lidstaten die in het waarschuwingsmechanismeverslag 2026 voor diepgaande evaluaties zijn geselecteerd.
Het afgelopen jaar zijn de kwetsbaarheden in de lidstaten verschillend geëvolueerd en in verschillende gevallen verkleind, terwijl de onzekerheid de laatste tijd is toegenomen. Griekenland, Nederland en Zweden worden geacht niet langer met onevenwichtigheden te kampen te hebben, aangezien hun macro-economische kwetsbaarheden in de loop der jaren zijn afgenomen. Italië, Hongarije en Slowakije blijven onevenwichtigheden ondervinden, aangezien hun kwetsbaarheden aanzienlijk blijven. Roemenië ondervindt nog steeds buitensporige onevenwichtigheden, aangezien zijn kwetsbaarheden ernstig blijven.
Verslagen over postprogrammatoezicht
In de verslagen over het postprogrammatoezicht wordt de economische, budgettaire en financiële situatie beoordeeld van de lidstaten die financiële bijstand hebben ontvangen, met bijzondere aandacht voor hun terugbetalingscapaciteit. In deze beoordelingen voor Ierland, Griekenland, Cyprus en Portugal wordt geconcludeerd dat alle vier de lidstaten in staat blijven hun schuld terug te betalen.
Aangezien Spanje in 2025 meer dan 75 % van de in het kader van het programma ontvangen financiële bijstand had terugbetaald, is dit de eerste ronde van verslagen over postprogrammatoezicht waarin deze lidstaat niet langer is opgenomen.
Werkgelegenheidsrichtsnoeren en uitdagingen op het gebied van sociale convergentie
De Commissie stelt geactualiseerde richtsnoeren voor, waarin gemeenschappelijke prioriteiten voor het nationale werkgelegenheids- en sociaal beleid worden vastgesteld om deze eerlijker en inclusiever te maken. Deze hebben betrekking op nieuwe elementen die gericht zijn op het verbeteren van de kwaliteit van banen in overeenstemming met het stappenplan voor kwaliteitsbanen, alsook op investeringen in menselijk kapitaal, door vaardigheden en onderwijs te versterken met het oog op concurrentievermogen en strategische autonomie. De werkgelegenheidsrichtsnoeren ondersteunen ook de strijd van de EU tegen armoede en sociale uitsluiting door prioriteit te geven aan hoogwaardige werkgelegenheid, een bewezen traject naar financiële stabiliteit voor mensen, in overeenstemming met de armoedebestrijdingsstrategie van de EU, en toegang tot adequate betaalbare en sociale huisvesting, waarmee uitvoering wordt gegeven aan het Europees plan voor betaalbare huisvesting.
Om deze prioriteiten vorm te geven, heeft de Commissie de werkgelegenheids-, vaardigheden- en sociale uitdagingen in elke lidstaat geanalyseerd aan de hand van het kader voor sociale convergentie, dat is ingebed in het herziene kader voor economische governance. De bevindingen zijn uiteengezet in het gezamenlijk verslag over de werkgelegenheid 2026, met een diepgaandere analyse vanaf april 2026 voor Bulgarije, Griekenland, Spanje, Italië, Letland, Litouwen, Luxemburg, Roemenië en Finland.
Volgende stappen
De Eurogroep en de Raad van de Europese Unie zullen nu de documenten bespreken die in het voorjaarspakket van het Europees Semester 2026 zijn gepresenteerd, met het oog op de goedkeuring van de aangeboden richtsnoeren.
De Commissie zal met het Europees Parlement een constructieve dialoog aangaan over de inhoud van dit pakket en over elke volgende stap in de cyclus van het Europees Semester.
Voor meer informatie
Vragen en antwoorden over het voorjaarspakket van het Europees Semester 2026
Voorjaarspakket van het Europees Semester 2026 - Documenten
Economische voorjaarsprognoses 2026