Vragen en antwoorden over de ontwerpbegroting 2027
Volledig overzicht van het voorstel van de Commissie voor de ontwerpbegroting 2027
De Commissie stelt voor om 200 miljard euro toe te wijzen aan de verschillende EU-prioriteiten (in vastleggingen), en wel als volgt:
- 54 miljard euro voor het gemeenschappelijk landbouwbeleid en 0,8 miljard euro voor het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur om de Europese landbouwers en vissers te ondersteunen, maar ook om de veerkracht van de agrovoedings- en visserijsector te versterken en de nodige ruimte te bieden voor crisisbeheersing.
- 44 miljard euro voor regionale ontwikkeling en cohesie ter ondersteuning van economische, sociale en territoriale cohesie, alsook infrastructuur ter ondersteuning van de groene transitie en de prioritaire projecten van de Unie.
- 14,5 miljard euro om in mensen te investeren en de sociale cohesie te versterken via het Europees Sociaal Fonds Plus (ESF+).
- 15,5 miljard euro ter ondersteuning van de partners en belangen van de EU in de hele wereld. Dit omvat 10,1 miljard EUR in het kader van het instrument voor nabuurschapsbeleid, ontwikkeling en internationale samenwerking — Europa in de wereld (NDICI — Europa in de wereld), 2,1 miljard EUR voor het instrument voor pretoetredingssteun (IPA III) en 0,5 miljard EUR voor de groeifaciliteit voor de Westelijke Balkan, alsook 2 miljard EUR voor humanitaire hulp (HUMA).
- In het kader van de faciliteit voor Oekraïne zal nog eens 4 miljard EUR aan subsidies beschikbaar zijn, aangevuld met 2,2 miljard EUR aan leningen.
- Bovendien zal in de periode 2026-2027 90 miljard EUR aan leningen aan Oekraïne beschikbaar worden gesteld via het nieuwe instrument voor steun aan Oekraïne. De ontwerpbegroting voor 2027 omvat 1,15 miljard EUR om de daarmee samenhangende kosten van de schulddienst te dekken.
- 13,8 miljard euro voor onderzoek en innovatie, waarvan voornamelijk 12,8 miljard euro voor Horizon Europa, het vlaggenschiponderzoeksprogramma van de Unie. De ontwerpbegroting blijft ook voorzien in de financiering van de Europese chipverordening in het kader van Horizon Europa en door de herschikking van andere programma's.
- 4,7 miljard EUR voor Europese strategische investeringen, waarvan 3,1 miljard EUR voor de Connecting Europe Facility om de grensoverschrijdende infrastructuur te verbeteren, 1,1 miljard EUR voor het programma Digitaal Europa om de digitale toekomst van de Unie vorm te geven en 278 miljoen EUR voor InvestEU.
- 2,3 miljard euro voor ruimtevaart, voornamelijk voor het Europees ruimtevaartprogramma, dat het optreden van de Unie op dit strategische gebied zal bundelen.
- 17,3 miljard EUR voor veerkracht en waarden, waaronder 4,5 miljard EUR voor Erasmus+ om onderwijs- en mobiliteitsmogelijkheden te creëren, 417 miljoen EUR om kunstenaars en makers in heel Europa te ondersteunen en 315 miljoen EUR om justitie, rechten en waarden te bevorderen.
- 2,3 miljard EUR voor milieu en klimaatactie, waaronder 846 miljoen EUR voor het LIFE-programma ter ondersteuning van de mitigatie van en aanpassing aan de klimaatverandering, en 1,3 miljard EUR voor het Fonds voor een rechtvaardige transitie om ervoor te zorgen dat niemand aan zijn lot wordt overgelaten bij de groene transitie.
- 3,4 miljard euro voor de bescherming van onze grenzen, waarvan 2 miljard euro voor het Fonds voor geïntegreerd grensbeheer (IBMF) en 1,1 miljard euro (totale EU-bijdrage) voor het Europees Grens- en kustwachtagentschap (Frontex).
- 2,4 miljard euro voor migratiegerelateerde uitgaven, waarvan 2,1 miljard euro voor de ondersteuning van migranten en asielzoekers, in overeenstemming met onze waarden en prioriteiten.
- 2,3 miljard EUR om defensie-uitdagingen aan te pakken, waaronder 1 miljard EUR ter ondersteuning van vermogensontwikkeling en onderzoek in het kader van het Europees Defensiefonds (EDF), 844 miljoen EUR voor het programma voor de Europese defensie-industrie (EDIP), 115 miljoen EUR ter bevordering van defensie-innovatie in het kader van het voorgestelde AGILE-programma en 256 miljoen EUR ter ondersteuning van militaire mobiliteit.
- 1 miljard EUR om de werking van de eengemaakte markt te waarborgen, waaronder 622 miljoen EUR voor het programma voor de eengemaakte markt, en 212 miljoen EUR om fraudebestrijding te versterken en belastingen en douane te ondersteunen.
Hoeveel stelt de Commissie voor aan betalingen toe te wijzen?
Op basis van een grondige technische analyse van de betalingsbehoeften voor elk van de EU-programma's in 2027 stelt de Commissie een totaal niveau van betalingskredieten van 212 miljard EUR voor. Dit totale bedrag weerspiegelt de toenemende behoefte aan betalingen in 2027, nu alle EU-programma's op kruissnelheid zijn, met name voor het cohesiebeleid.
De technische werkzaamheden van de Commissie met betrekking tot de betalingsbehoeften in 2027 omvatten ook een beoordeling van de geactualiseerde prognoses van de lidstaten voor betalingen in verband met het cohesiebeleid en plattelandsontwikkeling. Deze beoordeling bevestigde de eerdere langetermijnprognose van de Commissie van juli 2025, die bedoeld was om het Europees Parlement, de Raad en andere belanghebbenden vroegtijdig inzicht te geven in de ontwikkeling op middellange termijn van de ontvangsten en uitgaven van de EU-begroting, teneinde de planning te vergemakkelijken.
Waarom ligt het niveau van de betalingen in de ontwerpbegroting 2027 7 % hoger dan in het voorgaande jaar?
Het voorgestelde niveau van de betalingen voor 2027 van 212 miljard EUR is inderdaad 7 % hoger dan voor 2026. Dit weerspiegelt het karakter van de EU-begroting als investeringsbegroting, waarbij betalingen over een langere periode plaatsvinden, afhankelijk van de vooruitgang die is geboekt bij de uitvoering van projecten en acties.
Dit is het normale patroon dat we ook hebben waargenomen aan het einde van eerdere begrotingsperioden voor de lange termijn.
Daarom zijn deze groeiende behoeften aan betalingen ruim van tevoren bekend.
Welke gevolgen zal deze stijging van de betalingen hebben voor de bijdragen van de lidstaten aan de EU-begroting?
De EU-begroting wordt volledig gefinancierd uit eigen middelen, plus andere ontvangsten. Daarom leiden de hierboven beschreven toenemende behoeften aan betalingen tot een verhoging van de bijdragen aan de eigen middelen van het bruto nationaal inkomen (bni) van de lidstaten, om ervoor te zorgen dat de ontvangsten en uitgaven van de EU-begroting in evenwicht blijven. Ook hier is het patroon van geleidelijk toenemende betalingsbehoeften en dienovereenkomstig stijgende bni-bijdragen om de begroting in evenwicht te brengen in de loop van de tijd bekend.
Hoe weerspiegelt de ontwerpbegroting de prioriteiten van de EU?
De ontwerpbegroting 2027 ondersteunt de prioriteiten van de Unie op het gebied van concurrentievermogen, veiligheid, defensie, asiel- en migratiebeheer, de schone en digitale transitie, paraatheid en veerkracht.
Het omvat meer financiering voor vlaggenschipprogramma's die bijdragen tot economische veiligheid en een concurrerende economie. Tegelijkertijd blijft zij de landbouw krachtig steunen door de voedselzekerheid van de Unie te helpen waarborgen en tegelijkertijd de economische stabiliteit en de ontwikkeling van plattelandsgebieden te bevorderen.
Hoe verhoudt de ontwerpbegroting voor 2027 zich tot het voorstel voor de volgende langetermijnbegroting?
De ontwerpbegroting voor 2027 is de definitieve jaarlijkse begroting in het kader van de huidige langetermijnbegroting van de EU voor de periode 2021-2027. Het wordt voorgesteld in overeenstemming met het huidige meerjarig financieel kader (MFK).
De onderhandelingen over de volgende langetermijnbegroting (die in 2028 van start moet gaan) worden parallel voortgezet.
Is er iets uit de ontwerpbegroting 2027 dat wordt overgeheveld naar de volgende langetermijnbegroting?
De ontwerpbegroting 2027 voorziet in voldoende financiering voor de prioriteiten van de Unie. Er worden geen kosten opgenomen in de volgende langetermijnbegroting, met uitzondering van de “normale” betalingen ter dekking van de contractuele verplichtingen die voortvloeien uit de begroting 2027, een vast onderdeel van de EU-begroting als investeringsbegroting (zie de vraag over het verschil tussen vastleggingen en betalingen hieronder).
Daarnaast zullen sommige lopende leningstransacties van de Unie gevolgen hebben voor de volgende langetermijnbegroting voor 2028-2034. Dit betreft met name de terugbetaling van NextGenerationEU, het herstelfonds van de Unie na COVID-19, en de financiering die aan Oekraïne is verstrekt, onder meer via de onlangs overeengekomen steunlening voor Oekraïne (zie hieronder).
De Commissie heeft een vast jaarlijks bedrag voorgesteld ter dekking van de daarmee samenhangende rentekosten en aflossing van de hoofdsom in de langetermijnbegroting voor 2028-2034, om volledige voorspelbaarheid te waarborgen.
Wanneer wordt de ontwerpbegroting voor 2028 goedgekeurd?
De jaarlijkse begroting voor 2028 zal in 2027 door de Commissie worden voorgesteld, na het akkoord over het volgende meerjarig financieel kader.
Zoals bij elke jaarlijkse begroting zullen het Europees Parlement en de Raad daarover onderhandelen, met als doel de begroting vóór eind 2027 goed te keuren.
Wat gebeurt er als er niet tijdig overeenstemming wordt bereikt over het volgende meerjarig financieel kader?
De Verdragen bieden waarborgen om de continuïteit van de EU-financiering te waarborgen indien er niet tijdig overeenstemming wordt bereikt over een nieuw meerjarig financieel kader (MFK).
Overeenkomstig artikel 312 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie worden de maxima en andere bepalingen voor het laatste jaar van het huidige MFK [= 2027] voorlopig verlengd totdat een nieuw kader is vastgesteld.
Hoewel de betalingen voor juridische verbintenissen uit de programma's voor 2021-2027 zoals gepland zullen worden voortgezet, zouden nieuwe begrotingsuitgaven na 2027 mogelijk zijn indien daarvoor een overeenkomstige rechtsgrondslag bestaat. De financiering van programma's zonder een dergelijke rechtsgrondslag zou worden stopgezet totdat de desbetreffende vervolgprogramma's zijn goedgekeurd.
Een tijdig akkoord over de volgende langetermijnbegroting is dus van cruciaal belang om de begunstigden voorspelbaarheid te bieden, nieuwe beleidsprioriteiten te ondersteunen en ervoor te zorgen dat de Unie doeltreffend kan reageren op toekomstige uitdagingen.
Hoe wordt defensie gefinancierd en hoe komen SAFE-leningen tot uiting in de ontwerpbegroting voor 2027?
De Unie blijft de veiligheids- en defensievermogens van Europa versterken in reactie op een steeds uitdagender geopolitiek klimaat.
De ontwerpbegroting voor 2027 ondersteunt de uitvoering van het ReArm Europe-plan/Readiness 2030, dat gericht is op het versterken van Europa's defensieparaatheid, industriële capaciteit en strategische autonomie.
Het biedt steun voor defensiegerelateerd onderzoek, vermogensontwikkeling en militaire mobiliteit, met name via het Europees Defensiefonds (EDF). De ontwerpbegroting ondersteunt ook de uitvoering van het in december 2025 aangenomen programma voor de Europese defensie-industrie (EDIP), dat tot doel heeft het concurrentievermogen en het reactievermogen van de Europese technologische en industriële defensiebasis te versterken. Het omvat ook financiering voor het nieuwe AGILE-initiatief om de overgang van innovatie naar inzet voor defensie-uitgaven te versnellen, waarvoor de Commissie in maart 2026 een voorstel heeft ingediend.
Daarnaast stelt het instrument Veiligheidsactie voor Europa (SAFE) de Commissie in staat om tot 150 miljard EUR aan leningen aan de lidstaten te verstrekken, ondersteund door de EU-begroting die tot en met 31 december 2030 beschikbaar is, ter ondersteuning van gezamenlijke aanbestedingen en investeringen op defensiegebied. De eerste voorfinancieringsbetalingen aan de lidstaten in het kader van SAFE zijn in mei 2026 van start gegaan.
Gaat de stijging van de defensie-uitgaven ten koste van het cohesiebeleid of de landbouw?
Nee. Meer steun voor defensie gaat niet ten koste van het cohesiebeleid of de landbouw. Beide blijven kernprioriteiten van de EU-begroting, met geplande financiering van ongeveer 100 miljard EUR in 2027.
Tegelijkertijd moet de Unie ook inspelen op nieuwe prioriteiten zoals veiligheid, defensie, paraatheid, migratiebeheer, energieveerkracht en concurrentievermogen. Het voorstel van de Commissie beoogt deze doelstellingen in evenwicht te brengen binnen de grenzen van de huidige langetermijnbegroting.
Wordt de financiering voor onderzoek, innovatie en ruimte verminderd?
De ontwerpbegroting voor 2027 zal bijna 22 miljard euro uittrekken voor de financiering van prioritaire interventies op het gebied van onderzoek en innovatie, ruimtevaart, strategische infrastructuur en de versterking van de eengemaakte markt. De kleine verlaging ten opzichte van de jaarlijkse begroting voor 2026 is voornamelijk het gevolg van het specifieke profiel van het ITER-programma voor de ontwikkeling van fusie-energie, waarbij de financiering in de eerste jaren van dit huidige MFK werd geconcentreerd in overeenstemming met specifieke investeringsbehoeften, en van de herprofilering van het Horizon-programma in het kader van de tussentijdse herziening van het MFK.
Wordt de financiering voor extern optreden verlaagd?
De ontwerpbegroting voor 2027 voorziet in een robuust pakket van 15,5 miljard EUR voor extern optreden. Dit is in grote lijnen vergelijkbaar met de jaarlijkse begroting voor 2026 en weerspiegelt de keuze om de bijstand aan derde landen aan het begin van dit MFK te vervroegen.
De financiering voor extern optreden in de ontwerpbegroting zal zorgen voor voortdurende steun voor Syrische vluchtelingen en humanitaire hulp in de hele wereld. Het zal ook bijdragen aan de financiering van het in 2025 overeengekomen pakket van 1,6 miljard EUR voor Palestina en 200 miljoen EUR aan steun verlenen aan Groenland.
Hoe zal de ontwerpbegroting voor 2027 Oekraïne ondersteunen?
De steunlening voor Oekraïne is een beperkte regreslening van 90 miljard EUR voor militaire bijstand en algemene begrotingssteun, die in 2026 en 2027 moet worden uitbetaald. Ter aanvulling van deze steun omvat de ontwerpbegroting voor 2027 in totaal 1,15 miljard EUR om de kosten van de schuldendienst van de lening te dekken.
Daarnaast zal de faciliteit voor Oekraïne in 2027 steun blijven verlenen aan Oekraïne, met 4 miljard EUR aan niet-terugbetaalbare steun en 2,2 miljard EUR aan leningen. Tot slot zal Oekraïne ook profiteren van een financieringskostensubsidie op de 18 miljard EUR aan MFB+-leningen die in 2023 zijn uitbetaald, voor een totaalbedrag van 590 miljoen EUR.
Hoe wordt de nieuwe steunlening voor Oekraïne gefinancierd in de ontwerpbegroting voor 2027?
De nieuwe steunlening voor Oekraïne zal Oekraïne dringend noodzakelijke militaire bijstand en algemene begrotingssteun bieden voor een totaalbedrag van 90 miljard EUR in 2026 en 2027. De geplande uitbetalingen in het kader van de steunlening voor Oekraïne in het tweede en derde kwartaal van 2026 bedragen 30 miljard EUR, wat zal leiden tot schuldendienstkosten van 1,15 miljard EUR in 2027.
Om deze kosten te financieren, stelt de Commissie een evenwichtige mix van besparingen en het gebruik van speciale instrumenten voor, waardoor de geplande resterende beschikbare middelen voor 2027 grotendeels onaangetast blijven.
Hoe worden de hogere financieringskosten voor NextGenerationEU gedekt?
Gezien de stijging van de rentetarieven sinds 2022 is vanaf 2025 een nieuw “cascademechanisme” ingevoerd om de extra behoeften aan NGEU-rentebetalingen te dekken. Het omvat verschillende stappen om de extra kosten te financieren, door gebruik te maken van de beschikbare middelen om bestaande financiering binnen de begroting te heroriënteren, speciale instrumenten binnen de langetermijnbegroting te mobiliseren en een nieuw en uitzonderlijk instrument boven de MFK-maxima beschikbaar te stellen indien financiering voor de rentebetalingen niet binnen de bestaande EU-begroting kan worden gevonden.
In de ontwerpbegroting voor 2027 stelt de Commissie, in overeenstemming met de met het Europees Parlement en de Raad overeengekomen aanpak voor de jaarlijkse begroting 2025, voor de extra behoeften aan financieringskosten te financieren door middel van een combinatie van de niet-toegewezen marge in rubriek 2b (veerkracht en waarden), het flexibiliteitsinstrument en het EURI-instrument voor het resterende bedrag, dat volledig wordt gedekt door vrijmakingen in het verleden. Daarom is het niet nodig een beroep te doen op het zogenaamde “financiële vangnet” (een noodmaatregel om ervoor te zorgen dat er voldoende financiering beschikbaar is om onvoorziene omstandigheden aan te pakken of om de financiële stelsels waar nodig te stabiliseren).
Wat zijn vastleggingen en betalingen?
Vastleggingen zijn het totale volume van contractuele verplichtingen voor toekomstige betalingen die in een bepaald jaar kunnen worden gedaan. De vastleggingen moeten vervolgens worden gehonoreerd met betalingen, hetzij in hetzelfde jaar, hetzij, met name in het geval van meerjarenprojecten, in de daaropvolgende jaren.
Betalingen zijn de werkelijke bedragen die in een bepaald jaar uit de EU-begroting zijn betaald ter dekking van vastleggingen van het lopende jaar en voorgaande jaren.
Wanneer de EU bijvoorbeeld besluit de bouw van een brug in een lidstaat mede te financieren, is het totale bedrag dat de EU bereid is te dekken een verbintenis. De rekeningen voor het uitgevoerde werk zijn de betalingen die de komende jaren worden betaald in overeenstemming met de uitvoering van de levenscyclus van het project. De vastlegging wordt gedaan in jaar N. De betalingen uit de EU-begroting kunnen volgen in hetzelfde jaar N, maar ook in de daaropvolgende jaren, afhankelijk van de financiële regels voor het tijdstip waarop de facturen worden terugbetaald (N+x).
Voor meer informatie