Vragen en antwoorden over het migratie- en asielpact

INDEX

Algemene vragen

A. Beveiligde buitengrenzen

  1. Robuuste screening
  2. Eurodac-databank voor asiel en migratie
  3. Grensprocedure en terugkeer
  4. Crisisprotocollen en maatregelen tegen instrumentalisering

B. Snelle en efficiënte procedures

C. Effectief systeem van solidariteit en verantwoordelijkheid

  1. Permanent solidariteitskader
  2. Operationele en financiële steun
  3. Duidelijkere regels inzake de verantwoordelijkheid voor asielaanvragen
  4. Voorkomen van secundaire bewegingen

Algemene vragen

Wat is het migratie- en asielpact?

Het migratie- en asielpact, dat in juni 2024 is aangenomen en vanaf 12 juni 2026 van toepassing is, bestaat uit tien wetgevingsdossiers die bedoeld zijn om de EU-aanpak van migratie en asiel te versterken en te harmoniseren. Het stelt regels en procedures vast voor een stevig en eerlijk Europees systeem.

Sinds de vaststelling ervan zijn de regels voor het asiel- en migratiestelsel van de EU verder geëvolueerd, met aanvullende wetgeving inzake veilige landen van herkomst en het begrip “veilig derde land”. Het pact wordt ook aangevuld met de nieuwe terugkeerverordening, waarover de medewetgevers in juni 2026 overeenstemming hebben bereikt.

Het pact opent, samen met een assertievere migratiediplomatie, strengere controles van de buitengrenzen, doeltreffende terugkeer en de bevordering van arbeids- en talentmobiliteit, een nieuw hoofdstuk over migratie en asiel, zoals uiteengezet in de vijfjarige Europese strategie voor asiel- en migratiebeheer.

Titel

Beschrijving

1. Verordening screening en
2. Wijziging van de verordening om screening te vergemakkelijken (ECRIS-TCN)

Er worden uniforme regels voor de EU vastgesteld om ervoor te zorgen dat alle mensen die illegaal het grondgebied binnenkomen, worden onderworpen aan identiteits-, veiligheids-, gezondheids- en kwetsbaarheidscontroles.

3. Verordening asiel- en migratiebeheer (AMMR)

Stelt duidelijke regels vast om te bepalen welke lidstaat verantwoordelijk is voor de beoordeling van asielverzoeken en om secundaire bewegingen van asielzoekers naar andere lidstaten te voorkomen, alsook een permanent, maar flexibel “solidariteitsmechanisme” tussen de lidstaten om een evenwicht te vinden tussen de lasten voor de lidstaten die verantwoordelijk zijn voor de meeste asielverzoeken.

4. Verordening asielprocedures

Er wordt een gemeenschappelijke, eerlijke en efficiënte procedure vastgesteld voor de besluitvorming over asielaanvragen, waarbij misbruik wordt beperkt en stimulansen voor secundaire bewegingen worden weggenomen. Samen met de verordening terugkeergrensprocedure voorziet zij ook in een verplichte “grensprocedure” volgens welke de behandeling van asielverzoeken en terugkeer voor bepaalde categorieën verzoekers aan de buitengrens plaatsvindt.

5. Verordening crisis en overmacht

Verstrekt snelle protocollen voor crisissituaties en instrumentalisering van migratie, die moeten worden aangevuld met operationele bijstand en financiering in noodgevallen.

6. Eurodac-verordening

Een interoperabele asiel- en migratiedatabank opzetten om het asiel- en migratiebeheersysteem van de EU te ondersteunen, het beheer van illegale migratie en terugkeer te versterken, secundaire bewegingen op te sporen en de uitvoering van de hervestigingsverordening en de richtlijn tijdelijke bescherming te ondersteunen.

7. Richtlijn opvangvoorzieningen

Harmoniseert de opvangvoorzieningen in de hele EU, zorgt voor waardige opvangnormen in de hele EU en vermindert de prikkels voor secundaire bewegingen.

8. Kwalificatieverordening

Harmoniseert de beschermingsnormen in de EU om te zorgen voor uniforme normen voor de bescherming en de rechten van vluchtelingen en om "asielshoppen" te voorkomen.

9. Hervestigingskaderverordening

Creëert een gemeenschappelijk EU-kader voor EU-lidstaten om op vrijwillige basis vluchtelingen van buiten het grondgebied van de EU te hervestigen.

10. Verordening tot oprichting van het Asielagentschap van de Europese Unie

Oprichting van een volwaardig Asielagentschap van de Europese Unie (EUAA) dat de lidstaten snel en volledig kan ondersteunen in normale tijden en in tijden van bijzondere druk.

11. Verordening tot vaststelling van een EU-lijst van veilige landen van herkomst

Opstellen van de allereerste EU-brede lijst van veilige landen van herkomst om asielverzoeken te versnellen. Het omvat kandidaat-lidstaten van de EU (momenteel met uitzondering van Oekraïne in het licht van de Russische aanvalsoorlog), alsook Kosovo, Bangladesh, Colombia, Egypte, India, Marokko en Tunesië.

12. Verordening tot wijziging van de verordening asielprocedures om het begrip “veilig derde land” toe te passen

wijzigt de regels voor het niet-ontvankelijk verklaren van een asielverzoek wanneer verzoekers effectieve bescherming kunnen krijgen in een derde land dat voor hen als veilig wordt beschouwd. Dit stelt de lidstaten in staat deze asielverzoeken sneller te behandelen, met behoud van juridische waarborgen voor verzoekers en eerbiediging van de grondrechten.

Wat gebeurt er op 12 juni 2026?

Vanaf 12 juni 2026 zal alle wetgeving die in het kader van het migratie- en asielpact is aangenomen, in de hele EU van toepassing zijn.

De uitvoering van deze complexe reeks hervormingen vereist echter aanzienlijke juridische en operationele werkzaamheden. De lidstaten zullen de nieuwe procedures ook na 12 juni blijven aanpassen en verfijnen, met voortdurende steun van de Commissie en de EU-agentschappen.

Het migratie- en asielpact vormt het kader voor het gemeenschappelijk Europees systeem ter bescherming van mensen die internationale bescherming nodig hebben, ter versterking van het beheer van de buitengrenzen van de EU en ter waarborging van een eerlijke verdeling van de verantwoordelijkheden tussen de lidstaten. Het omvat de regels en procedures voor het beheer van migratie in zowel normale omstandigheden als crisis- en instrumentaliseringssituaties. Kort samengevat levert de uitvoering van het pact het volgende op:

  1. Veiligere buitengrenzen: Alle irreguliere migranten worden bij aankomst geregistreerd en ondergaan een grondige identiteits-, veiligheids-, gezondheids- en kwetsbaarheidsscreening. Voor degenen die waarschijnlijk geen bescherming nodig hebben, een veiligheidsrisico vormen of de autoriteiten misleiden, geldt een versnelde grensprocedure. Deze procedure maakt een snelle behandeling van het asielverzoek en, indien deze worden afgewezen, een snelle terugkeer mogelijk, allemaal zonder dat de persoon toestemming heeft om het grondgebied van de Unie binnen te komen.

Alle lidstaten moeten over de capaciteit beschikken om een bepaald aantal asielzoekers gedurende de duur van de procedures aan de grenzen onder passende voorwaarden op te vangen. Er zijn strenge wettelijke waarborgen van toepassing en niet-begeleide minderjarigen zijn vrijgesteld van de grensprocedure, tenzij zij een veiligheidsrisico vormen. Alle lidstaten moeten zorgen voor onafhankelijk toezicht op de grondrechten tijdens de screening en de asielgrensprocedure.

  1. Eerlijke en strenge regels inzake asiel en terugkeer: De nieuwe regels voorzien in doeltreffender asielprocedures met kortere termijnen en strengere regels voor onrechtmatige of volgende verzoeken. Deze regels worden afgewogen tegen belangrijke waarborgen voor de rechten van personen, waaronder gratis juridisch advies in alle procedures, met bijzondere aandacht voor kwetsbare groepen. De nieuwe regels bevatten ook EU-brede normen voor opvangvoorzieningen en harmoniseren de erkenning en de rechten van personen die internationale bescherming genieten.
  2. Een evenwicht tussen solidariteit en verantwoordelijkheid: De EU profiteert van een permanent verplicht “solidariteitsmechanisme” om ervoor te zorgen dat lidstaten die met grotere migratiedruk worden geconfronteerd, niet met rust worden gelaten. In het nieuwe systeem draagt elke lidstaat op flexibele wijze bij en kan hij het soort solidariteit kiezen dat hij biedt. Het systeem bevat ook doeltreffende regels om vast te stellen welke lidstaat verantwoordelijk is voor de behandeling van een asielverzoek en secundaire bewegingen op te sporen en te voorkomen.

Vóór het pact

Nieuw stevig, eerlijk en aanpasbaar EU-systeem

Beveiligde buitengrenzen

Geen geharmoniseerde registratie-, screening- of grensprocedures in de lidstaten.

Verplichte en uniforme gezondheids-, identiteits- en veiligheidscontroles van alle migranten die de buitengrenzen van de EU illegaal overschrijden of op het grondgebied van een lidstaat worden aangehouden in een situatie van illegaal verblijf.

Verplichte "grensprocedure" voor personen die waarschijnlijk geen internationale bescherming nodig hebben, een veiligheidsrisico vormen of de autoriteiten misleiden.

Geen specifieke middelen voor de screening aan de buitengrenzen en de uitvoering van de grensprocedures.

De screening moet binnen een beperkte termijn worden afgerond: 7 dagen voor de screening aan de buitengrenzen en 3 dagen voor de screening van personen die op het grondgebied van de lidstaat zijn aangehouden.

Snelle doorgeleiding naar de juiste procedures (grensprocedure, asiel- of terugkeerprocedures).

Er is geen verplichting om te beschikken over onafhankelijke monitoringmechanismen om de eerbiediging van de grondrechten te waarborgen.

 

Verplichting om onafhankelijke monitoring op te zetten om de eerbiediging van de grondrechten tijdens screening- en grensprocedures te waarborgen.

Snelle en efficiënte procedures

De huidige verschillende procedurele regelingen in de lidstaten.

 

Gemeenschappelijke, eerlijke en efficiënte procedures om te beslissen of internationale bescherming wordt verleend, waarbij stimulansen voor niet-toegestane verplaatsingen in de hele EU worden weggenomen.

Flexibele en uiteenlopende regels voor onrechtmatige vorderingen in de lidstaten, wat leidt tot secundaire bewegingen.

Strengere gemeenschappelijke regels voor onrechtmatige of volgende verzoeken, met betere mogelijkheden om bewegingen via de Eurodac-databank te volgen.

Geen kosteloze rechtsbijstand in eerste aanleg.

Gratis juridisch advies in alle fasen van de asielprocedure en specifieke aandacht voor kwetsbare groepen.

Richtsnoeren voor de administratieve fase van de procedure, met inbegrip van informatie over de rechten en plichten, bijstand bij het indienen van asielaanvragen.

Gratis rechtsbijstand en vertegenwoordiging tijdens het beroep.

Afwijkende opvangnormen en geen verplichting om noodplannen op te stellen om altijd te zorgen voor voldoende opvangcapaciteit.

EU-brede normen voor opvangvoorzieningen, betere instrumenten om secundaire bewegingen te voorkomen en de verplichting om noodplannen op te stellen.

Een lappendeken van praktijken in de lidstaten die een stimulans vormen voor “asielwinkelen”.

Geharmoniseerde beschermingscriteria zullen ervoor zorgen dat asielzoekers overal in de EU dezelfde kans hebben om onder dezelfde voorwaarden asiel te krijgen.

Effectief systeem van solidariteit en verantwoordelijkheid

Ad-hoc en vrijwillige solidariteit.

Een permanent “solidariteitsmechanisme met duidelijke stappen om ervoor te zorgen dat lidstaten die met grotere migratiedruk worden geconfronteerd, steun ontvangen, terwijl elke lidstaat kan kiezen welk type solidariteit moet worden geboden.

Onduidelijke verplichtingen voor verzoekers en ondoeltreffende regels om secundaire bewegingen te bestrijden.

Duidelijke verplichtingen voor aanvragers om een aanvraag in de lidstaat van eerste binnenkomst in te dienen en ervoor te zorgen dat de lidstaat verantwoordelijk blijft voor de behandeling van het verzoek. Duidelijke regels om secundaire bewegingen van asielzoekers te voorkomen/aan te pakken.

Crisisprotocollen en maatregelen tegen instrumentalisering

Geen specifiek rechtskader om ervoor te zorgen dat de lidstaten crisissituaties, met inbegrip van instrumentalisering, of overmacht op het gebied van asiel en migratie kunnen aanpakken.

De crisisverordening voorziet in snelle protocollen voor crisissituaties, met inbegrip van instrumentalisering van migratie en overmacht, die moeten worden aangevuld met operationele bijstand en financiering in noodgevallen.

Hoe zal het nieuwe migratie- en asielstelsel migratie-uitdagingen helpen oplossen?

De EU heeft nu duidelijke en gemeenschappelijke regels om te zorgen voor een eerlijk en stevig systeem voor het beheer van migratie. Dit solide rechtskader zorgt er ook voor dat elke lidstaat de flexibiliteit heeft om de specifieke uitdagingen aan te pakken waarmee hij wordt geconfronteerd, terwijl er ook voor wordt gezorgd dat geen enkele lidstaat alleen wordt gelaten onder druk.

De EU zal zich blijven inspannen om het hoofd te bieden aan specifieke uitdagingen die reeds bestaan of zich in de toekomst kunnen voordoen. De Commissie zal ook blijven werken aan het operationele traject en de lidstaten, samen met de EU-agentschappen, ondersteunen bij het beheer van migratie met gerichte acties.

Daarnaast is een assertievere migratiediplomatie een prioriteit van de nieuwe vijfjarige Europese asiel- en migratiestrategie.  Dit betekent dat met partnerlanden moet worden samengewerkt aan de hand van een nieuwe aanpak, waarbij migratie wordt opgenomen in internationale partnerschappen om irregulier vertrek te voorkomen, migrantensmokkel te bestrijden, de samenwerking op het gebied van overname te versterken en legale trajecten langs de routes te bevorderen. Het omvat het vinden van synergieën met en het gebruik van hefboomwerking van andere beleidsterreinen zoals handel en visa, financiële steun en het aantrekken van talent.

Beveiligde buitengrenzen

Robuuste screening

Hoe werkt screening in het nieuwe systeem?

De screeningverordening bevat uniforme regels voor de EU om ervoor te zorgen dat personen die illegaal het grondgebied binnenkomen, worden onderworpen aan identiteits-, veiligheids-, gezondheids- en kwetsbaarheidscontroles en worden doorgeleid naar de passende procedure (grensprocedure, asielprocedure of terugkeerprocedure). De screening is ook van toepassing op mensen binnen het Schengengebied die controles aan de buitengrenzen zouden hebben vermeden.

De autoriteiten van de lidstaten moeten verplichte voorafgaande gezondheids- en kwetsbaarheidscontroles en identiteits- en veiligheidscontroles uitvoeren op alle onderdanen van derde landen die de EU-grenzen illegaal overschrijden, indien zij aan de buitengrenzen of op het grondgebied worden aangehouden. Er is een kort tijdsbestek om dit te doen: 7 dagen voor de screening aan de buitengrenzen en 3 dagen voor de screening op het grondgebied. Deze screening versterkt de veiligheid binnen het Schengengebied, aangezien het ervoor zal zorgen dat irreguliere migranten die worden gescreend geen bedreiging vormen voor de binnenlandse veiligheid. De screening draagt ook bij tot de bescherming van de volksgezondheid en biedt migranten een behandeling in geval van dringende of essentiële behoeften.

Deze verordening is van toepassing op alle Schengenstaten, d.w.z. alle EU-lidstaten, met uitzondering van Ierland, en de vier geassocieerde Schengenlanden, namelijk Noorwegen, Liechtenstein, Zwitserland en IJsland.

Hoe worden kwetsbare groepen beschermd tijdens de screening?

De nieuwe screeningverordening moet zorgen voor een snelle identificatie van de juiste procedure die van toepassing is op een persoon die op het grondgebied van de EU aankomt zonder aan de toegangsvoorwaarden te voldoen. Een snellere vaststelling van de passende procedure zal helpen bij het beheer van de verzoeken van personen die internationale bescherming behoeven en kwetsbare personen die speciale bijstand nodig hebben, ook als veel mensen tegelijkertijd aankomen. Het doel van de gezondheidscontroles is om een voorlopige beoordeling van de gezondheid van de persoon uit te voeren om de volksgezondheid te beschermen en hem een behandeling te bieden in geval van dringende of essentiële noodzaak.

De screeningverordening voorziet ook in een voorlopige kwetsbaarheidscontrole die door opgeleid personeel moet worden uitgevoerd. Deze controles helpen om vast te stellen of een persoon een staatloze, een slachtoffer van foltering of andere onmenselijke of vernederende behandeling kan zijn of speciale behoeften heeft. Dit zal kwetsbare personen in staat stellen passende bescherming te krijgen in de daaruit voortvloeiende asiel- of terugkeerprocedures. De nieuwe regels bieden ook specifieke garanties voor de bescherming van minderjarigen.

Alle lidstaten moeten beschikken over een onafhankelijk monitoringmechanisme dat de transparantie en verantwoordingsplicht tijdens screening- en grensprocedures zal vergroten en tegelijkertijd de eerbiediging van de grondrechten zal bevorderen.

Eurodac-databank voor asiel en migratie

Wat is er nieuw in de Eurodac-databank?

De nieuwe Eurodac-verordening breidt de identificatiedatabank van de EU uit en ondersteunt autoriteiten bij het aanpakken van illegale migratie, het volgen van secundaire bewegingen en het verbeteren van de terugkeer van irreguliere migranten. De vingerafdrukken van personen die illegaal zijn binnengekomen, blijven gedurende vijf jaar in het systeem, waardoor informatie over personen in het systeem voor een langere periode kan worden opgevraagd. Voor asielzoekers blijft de opslagperiode tien jaar.

De lidstaten zijn verplicht de volgende categorieën personen in Eurodac te registreren:  asielzoekers; mensen die de buitengrens van de EU illegaal hebben overschreden; personen die na een opsporings- en reddingsoperatie zijn ontscheept en personen die illegaal op het grondgebied van een lidstaat blijken te verblijven; personen die zijn geregistreerd voor een toelatingsprocedure op grond van de hervestigingsverordening; personen die in het kader van een nationale regeling zijn hervestigd; en personen die tijdelijke bescherming genieten.

Dit zal de identificatie van personen vergemakkelijken en de autoriteiten meer informatie geven om snellere asielprocedures en een betere opsporing van secundaire bewegingen mogelijk te maken.

Wat zijn de waarborgen voor minderjarigen?

De registratie van de biometrische gegevens van minderjarigen stelt de autoriteiten in staat deze kinderen te identificeren, maar helpt ook om vermiste kinderen op te sporen die mogelijk het slachtoffer zijn geweest van mensenhandelaars en seksuele uitbuiting.

De nieuwe verordening bevat aanvullende waarborgen voor minderjarigen die in Eurodac zijn geregistreerd (d.w.z. minderjarigen vanaf zes jaar), waardoor kinderen die van hun familie kunnen worden gescheiden, kunnen worden beschermd.  

Aan een niet-begeleide minderjarige moet een vertegenwoordiger worden toegewezen of, indien er geen vertegenwoordiger is aangewezen, een persoon die is opgeleid om het belang van de minderjarige en het algemeen welzijn te beschermen, gedurende de hele periode waarin biometrische gegevens worden verzameld. Als de minderjarige wordt vergezeld door een volwassen familielid, moeten zij de minderjarigen vergezellen bij het nemen van de biometrische gegevens. De ambtenaar die verantwoordelijk is voor het verzamelen van de biometrische gegevens van een minderjarige moet ook een opleiding krijgen om ervoor te zorgen dat er voldoende zorg wordt besteed en om te garanderen dat het proces kindvriendelijk is.

Grensprocedure en terugkeer

Wat is de grensprocedure?

De grensprocedure is een soort versnelde asielprocedure waarbij de verzoeker in de regel in het grensgebied blijft terwijl het verzoek wordt behandeld.

De verplichte grensprocedure is van toepassing op verzoekers die in het kader van de screening zijn geïdentificeerd als: onderdanen zijn van landen met lage erkenningspercentages (≤ 20 %) voor internationale bescherming; of de autoriteiten hebben misleid; of een bedreiging vormen voor de nationale veiligheid. Voor anderen zal de reguliere asielprocedure van toepassing zijn op het grondgebied van de lidstaat.

De grensprocedure geldt voor een beperkte duur. Het kan slechts 12 weken duren en omvat de gehele beroepsprocedure. Deze termijn kan tot 16 weken worden verlengd indien de verzoeker naar een andere lidstaat wordt herplaatst. Dit geeft voldoende tijd om zaken die in beginsel niet als complex worden beschouwd, naar behoren te beoordelen, zodat personen zonder wettelijk verblijfsrecht sneller en waardig kunnen worden teruggestuurd.

Indien binnen die twaalf weken geen besluit is genomen, worden verzoekers doorverwezen naar de reguliere asielprocedure en gemachtigd om het grondgebied van de lidstaat binnen te komen.

Indien een verzoek in het kader van de asielgrensprocedure wordt afgewezen, wordt de onderdaan van een derde land overgebracht naar de terugkeergrensprocedure. Die procedure kan maximaal twaalf weken in beslag nemen met het oog op de snelle terugkeer van personen zonder verblijfsrecht in de EU.

Hoe worden de grondrechten van de personen tijdens de grensprocedure gewaarborgd?

Alle noodzakelijke waarborgen en waarborgen zijn van toepassing tijdens de grensprocedure.

De grondrechten moeten altijd worden geëerbiedigd. Het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie is van toepassing wanneer de lidstaten het EU-recht ten uitvoer leggen.

Bijzondere aandacht zal worden besteed aan de voorwaarden in de grensprocedure. Indien nodig kan de Commissie het EUAA verzoeken een ad-hocmonitoring uit te voeren in het kader van het nieuwe monitoringmechanisme van het Agentschap.

Indien de opvangvoorzieningen voor minderjarigen en hun gezinsleden niet toereikend zijn, moet de grensprocedure voor gezinnen met minderjarigen worden opgeschort op basis van een aanbeveling van de Commissie.

Waar zal de infrastructuur voor de grensprocedure zich bevinden?

Het begrip “toereikende capaciteit” vereist dat de lidstaten de opvangcapaciteit en de personele middelen opzetten, met inbegrip van gekwalificeerd en goed opgeleid personeel, die nodig zijn om te allen tijde een vastgesteld aantal verzoeken waarop de asiel- en terugkeergrensprocedure van toepassing is, onder passende voorwaarden te behandelen.

Hoewel de grensprocedure in de regel aan de grens of in transitzones moet worden uitgevoerd, hebben de lidstaten de flexibiliteit om de grensprocedure waar nodig op locaties op het grondgebied uit te voeren.

De lidstaten hebben aanzienlijke inspanningen geleverd om de nodige infrastructuur op te zetten om over voldoende capaciteit te beschikken om ervoor te zorgen dat de grensprocedure goed kan functioneren. Alle lidstaten hebben de locaties voor de grensprocedure aangewezen, die zich doorgaans aan of dicht bij de buitengrens bevinden (zee, land of luchthaven).

Worden asielzoekers in bewaring gehouden tijdens de grensprocedure?

Detentie kan in de grensprocedures worden toegepast onder de in de wetgeving vastgestelde omstandigheden, maar de lidstaten kunnen verzoekers om internationale bescherming niet automatisch in bewaring stellen.

Bewaring kan alleen worden toegepast in overeenstemming met de waarborgen waarin de richtlijn opvangvoorzieningen voorziet – dat wil zeggen, zij kan alleen worden gebruikt wanneer zij noodzakelijk en evenredig blijkt op basis van een individuele beoordeling, als laatste redmiddel wanneer minder dwingende maatregelen niet mogelijk zijn, en onderworpen aan rechterlijke toetsing.

Er zijn richtsnoeren ontwikkeld voor alternatieven voor detentie.

Wat zijn "veilige landen van herkomst"?

In de verordening asielprocedures is een rechtsgrondslag vastgesteld om het begrip “veilig land van herkomst” toe te passen. Verzoekers uit landen die als veilige landen van herkomst worden beschouwd, worden geacht voldoende bescherming te hebben tegen het risico van vervolging of ernstige schendingen van hun grondrechten in hun land van herkomst. Niet-EU-landen kunnen alleen als veilig land van herkomst worden aangemerkt als zij aan een hoge veiligheidsdrempel voldoen.

De lidstaten moeten verzoeken om internationale bescherming van verzoekers uit veilige landen van herkomst in het kader van de versnelde procedure behandelen of kunnen ervoor kiezen dit in het kader van de grensprocedure te doen.

In februari 2026 hebben het Europees Parlement en de Raad van de EU de eerste EU-lijst van veilige landen van herkomst vastgesteld, die kandidaat-lidstaten van de EU omvat (momenteel met uitzondering van Oekraïne in het licht van de Russische aanvalsoorlog), die worden geacht te voldoen aan de criteria om als veilige landen van herkomst te worden aangemerkt als onderdeel van hun EU-lidmaatschapstraject, alsook Kosovo, Bangladesh, Colombia, Egypte, India, Marokko en Tunesië.

Wat zijn "veilige derde landen"?

Het begrip "veilig derde land" stelt de lidstaten in staat een asielverzoek als niet-ontvankelijk te beschouwen wanneer verzoekers doeltreffende bescherming kunnen krijgen in een derde land waarvan zij geen onderdaan zijn, maar dat voor hen als veilig wordt beschouwd.

Niet-EU-landen kunnen alleen als veilige derde landen worden aangemerkt als zij aan specifieke veiligheidscriteria voldoen.

De criteria voor de toepassing van het begrip “veilig derde land” zijn in 2026 herzien. De lidstaten zullen meer flexibiliteit hebben en het begrip “veilig derde land” kunnen toepassen als aan een van de volgende drie criteria van de verordening asielprocedures is voldaan:

  • er is een verband tussen de asielzoeker en het veilige derde land;
  • de asielzoeker is door een veilig derde land gereisd voordat hij de EU bereikte;
  • Wanneer er geen verband of doorreis is, is er een overeenkomst of regeling met het veilige derde land die waarborgen bevat voor de asielzoekers die naar dat land worden overgebracht, met name het onderzoek van de gegrondheid van het verzoek om effectieve bescherming. Deze optie geldt niet voor niet-begeleide minderjarigen.

Er zijn nog steeds sterke waarborgen. Volgens het EU-recht kunnen derde landen alleen als veilig worden beschouwd wanneer hun nationale systemen aanvragen kunnen verwerken en waar nodig doeltreffende bescherming kunnen bieden, waarbij bescherming tegen refoulement en de afwezigheid van risico's op vervolging, bedreiging van het leven of onmenselijke of vernederende behandeling worden gewaarborgd.

De nieuwe regels zullen de lidstaten helpen asielaanvragen sneller te behandelen, de druk op asielstelsels te verminderen en de prikkels voor illegale migratie naar de EU te verminderen, terwijl de wettelijke waarborgen voor verzoekers behouden blijven en de eerbiediging van de grondrechten wordt gewaarborgd.

Hoe zal terugkeer doeltreffender worden gemaakt in het kader van de terugkeergrensprocedure?

Terugkeer betreft onderdanen van derde landen die geen wettelijk recht hebben om in de EU te verblijven nadat zij in een van de lidstaten een terugkeerbesluit hebben ontvangen.

In het nieuwe systeem moet een terugkeerbesluit samen met een negatief asielbesluit worden uitgevaardigd en moeten beroepen binnen dezelfde termijnen worden behandeld.  

Zodra een persoon een negatief besluit in de asielgrensprocedure krijgt, krijgt hij of zij dus ook een terugkeerbesluit en wordt hij of zij overgebracht naar het terugkeergedeelte van de grensprocedure. Dit zorgt voor een naadloze koppeling tussen het asiel- en het terugkeerproces aan de grens, dat onder normale omstandigheden in totaal niet langer dan 24 weken mag duren. Er is continuïteit tussen de autoriteiten die bij het proces betrokken zijn, wat helpt situaties te voorkomen waarin de persoon onderduikt.

De lidstaten hebben gewerkt aan de invoering van de nodige systemen en praktische regelingen om ervoor te zorgen dat mensen snel worden teruggestuurd. Dit omvat het opzetten van efficiënte structuren voor terugkeerbegeleiding, maatregelen om onderduiken te voorkomen en praktische regelingen om ervoor te zorgen dat reisdocumenten kunnen worden verkregen van het betrokken derde land van terugkeer.

Op operationeel niveau verleent Frontex steun in alle fasen van het terugkeerproces (vóór terugkeer, terugkeeroperaties en na terugkeer, met inbegrip van steun voor re-integratie). De EU-terugkeercoördinator brengt verschillende onderdelen van het EU-terugkeerbeleid samen, ondersteunt de consistente en coherente uitvoering ervan en zal toezien op de totstandbrenging van een gemeenschappelijk EU-systeem voor terugkeer.

Crisisprotocollen en maatregelen tegen instrumentalisering

Wat is een crisissituatie? Hoe wordt het gedefinieerd?

In de verordening wordt een crisissituatie gedefinieerd als een uitzonderlijke situatie van massale aankomsten van onderdanen van derde landen of staatlozen in een lidstaat over land, door de lucht of over zee, met inbegrip van personen die na opsporings- en reddingsoperaties zijn ontscheept.

Het belangrijkste criterium is dat de situatie het asiel-, opvang- of terugkeerstelsel van een lidstaat zodanig buiten werking stelt dat er ernstige gevolgen kunnen zijn voor de werking van het gemeenschappelijk Europees asielstelsel als geheel.

Wat is een situatie van instrumentalisering?

Een situatie van instrumentalisering wordt gedefinieerd als een situatie waarin een derde land of een vijandige niet-statelijke actor het verkeer van onderdanen van derde landen en staatlozen naar de buitengrenzen of naar een lidstaat aanmoedigt of vergemakkelijkt. Dit gebeurt met het doel de EU of een lidstaat te destabiliseren en wanneer dergelijke acties essentiële functies van een lidstaat, waaronder de handhaving van de openbare orde of de bescherming van de nationale veiligheid, in gevaar kunnen brengen.

Wat is een 'force majeure' situatie?

“Overmachtsituaties” hebben betrekking op abnormale en onvoorzienbare omstandigheden waarover een lidstaat geen controle heeft en waarvan de gevolgen niet hadden kunnen worden vermeden, zoals natuurrampen en pandemieën. Dit impliceert een onvoorziene situatie die de lidstaat belet te voldoen aan de verplichtingen uit hoofde van de verordening asiel- en migratiebeheer en de verordening asielprocedures.

Welke flexibiliteit hebben de lidstaten in crisissituaties?

Lidstaten die met een crisis-, instrumentaliserings- of overmachtsituatie worden geconfronteerd, kunnen afwijken van bepaalde regels inzake verantwoordelijkheid waarin het EU-asielrecht voorziet, waaronder: 

  • De termijn voor de registratie van verzoeken om internationale bescherming wordt verlengd van zeven dagen tot vier weken;
  • een langere duur van de grensprocedure van 12 weken tot 18 weken; 
  • Verlengde termijnen voor het bepalen van de verantwoordelijke lidstaat (alleen bij massale aankomsten in crisissituaties en situaties van overmacht);
  • Afwijkingen van de toepassing van de grensprocedure en uitbreiding van het toepassingsgebied van de grensprocedure, afhankelijk van de situatie.

Wanneer een situatie van massale aankomsten van zo'n buitengewone omvang en intensiteit is dat het asielstelsel van de EU niet meer functioneert omdat dit ernstige tekortkomingen in de behandeling van verzoekers kan veroorzaken, voorziet de verordening in de mogelijkheid voor de getroffen lidstaat om te worden ontheven van zijn verplichting om verzoekers terug te nemen.

Snelle en efficiënte procedures

Wat zijn de verplichtingen voor asielzoekers?

De verordening asielprocedures bevat duidelijke en strikte verplichtingen voor verzoekers tijdens de asielprocedure, met name: over de informatie die moet worden verstrekt voor de registratie van een aanvraag (met inbegrip van biometrische gegevens voor de registratie in Eurodac); om aanvragen in te dienen binnen 21 dagen na registratie; het bijwonen van interviews; in de lidstaat te blijven waar zij geacht worden in overeenstemming te zijn met de verordening asiel- en migratiebeheer; en in alle fasen van de procedure met de autoriteiten samen te werken.

Niet-naleving van deze verplichtingen heeft ernstige gevolgen, zoals de beperkingen van de opvang en de expliciete of impliciete intrekking van een verzoek.

Hoe worden de rechten van mensen gewaarborgd?

Het nieuwe systeem omvat waarborgen voor asielzoekers en kwetsbare personen, met name minderjarigen en gezinnen met kinderen. Het voorziet in gratis juridisch advies voor alle verzoekers in asielprocedures, met inbegrip van de procedure voor het bepalen van de verantwoordelijkheid, en versterkt de informatierechten.

Er zijn met name:

  • nieuwe en versterkte informatierechten voor aanvragers in alle nieuwe wetgevingshandelingen, zodat aanvragers inzicht krijgen in hun rechten, verplichtingen en de gevolgen van niet-naleving van hun verplichtingen;
  • Het recht op gratis juridisch advies voor alle asielzoekers in de administratieve fase van de procedure. Dit geldt voor alle procedures, met inbegrip van de grensprocedure en de procedure om te bepalen welke lidstaat verantwoordelijk is voor een asielverzoek. In de beroepsfase blijven alle verzoekers het recht behouden zich door een advocaat te laten bijstaan en vertegenwoordigen;
  • eerdere vaststelling van kwetsbaarheden en bijzondere procedurele behoeften;
  • Meer mogelijkheden voor verzoekers om te worden herenigd met hun gezin in andere lidstaten: de familiale verantwoordelijkheidscriteria zijn aangescherpt, familiezaken moeten voorrang krijgen en er zijn nieuwe verplichtingen met betrekking tot het traceren van gezinnen. Om deze bepalingen doeltreffend te maken, moet de aanvrager alle informatie verstrekken die beschikbaar is in de lidstaat van eerste binnenkomst.
  • Betere waarborgen met betrekking tot de eerbiediging van de grondrechten, aangezien de lidstaten verplicht zijn een onafhankelijk mechanisme op te zetten voor het toezicht op de grondrechten tijdens de eerste screening en de asielgrensprocedure.

Welke garanties gelden specifiek voor minderjarigen?

De nieuwe wetgeving introduceert nieuwe garanties voor minderjarigen.

De lidstaten moeten eerst de leeftijd beoordelen door middel van een multidisciplinaire aanpak (met inbegrip van psychologen, kinderartsen, maatschappelijk werkers enz.), om het gebruik van ingrijpende medische onderzoeken tot een minimum te beperken, die alleen kunnen worden gebruikt als de eerste multidisciplinaire beoordeling geen uitsluitsel geeft.

Alle niet-begeleide minderjarigen moeten snel een vertegenwoordiger hebben die de belangen van het kind, met inbegrip van hun welzijn, behartigt.

Nieuwe bepalingen voorkomen dat kinderen vermist raken (vingerafdrukken vanaf de leeftijd van 6 jaar).

De toegang tot onderwijs moet zo spoedig mogelijk en uiterlijk binnen twee maanden na de indiening van een aanvraag worden gewaarborgd.

Hoe verbetert de nieuwe richtlijn opvangvoorzieningen de levensomstandigheden?

De richtlijn opvangvoorzieningen heeft tot doel in alle lidstaten een levensstandaard vast te stellen. Het harmoniseert de bestaande regels en praktijken van de lidstaten, die verplicht zijn rekening te houden met EUAA-indicatoren en richtsnoeren inzake opvang.

De lidstaten hebben de verantwoordelijkheid om te zorgen voor voldoende opvangcapaciteit en voor een adequate levensstandaard die de lichamelijke en geestelijke gezondheid beschermt en het Handvest van de grondrechten eerbiedigt.

De waarborgen en waarborgen met betrekking tot detentie worden versterkt. Er mag bijvoorbeeld geen sprake zijn van detentie als dit de lichamelijke en geestelijke gezondheid van verzoekers ernstig in gevaar brengt.

Hoe worden snelle en efficiënte procedures gewaarborgd?

Snelle en efficiënte procedures worden gewaarborgd tot aan de concrete termijnen die in de wetgeving zijn vastgelegd. De lidstaten moeten deze termijnen in acht nemen bij de behandeling van aanvragen. Hier zijn enkele voorbeelden.

De verordening asielprocedures verduidelijkt en stroomlijnt de toegang tot de procedure door voor elke stap duidelijke termijnen vast te stellen. Dergelijke stappen omvatten de verzoeker die de wens uitdrukt om internationale bescherming te ontvangen (de indiening), de autoriteiten die het verzoek registreren (de registratie) en de verzoeker die het verzoek indient (de indiening). De verordening verduidelijkt dus wat elk van de drie stappen inhoudt, welke verplichtingen de aanvrager en de autoriteiten hebben en wat de termijnen voor elk van de stappen zijn.

De asielprocedureverordening stelt een termijn van 21 dagen vast waarbinnen verzoekers hun verzoek moeten indienen na de datum waarop zij voor de normale procedure zijn geregistreerd. De lidstaten mogen de duur van de behandeling van aanvragen slechts met zes maanden verlengen. De normale procedure kan dus maximaal 6 + 6 maanden duren.

De versnelde procedure is in de hele EU verplicht om onrechtmatige vorderingen en daaropvolgende verzoeken te behandelen. Bovendien voorziet de verordening asielprocedures in een duidelijke termijn van drie maanden om de versnelde procedure af te ronden. Evenzo zijn in de verordening asielprocedures duidelijke termijnen vastgesteld om de niet-ontvankelijkheid van verzoeken te controleren (van tien dagen tot twee maanden, afhankelijk van het geval).

Effectief systeem van solidariteit en verantwoordelijkheid

Permanent solidariteitskader

Wat is het solidariteitsmechanisme voor lidstaten die met “migratiedruk” worden geconfronteerd en hoe werkt het?

De EU beschikt over een permanent verplicht solidariteitsmechanisme om ervoor te zorgen dat lidstaten die onder migratiedruk staan, steun krijgen. Elke lidstaat draagt op flexibele wijze bij aan de solidariteitsinspanningen en kiest het soort solidariteit dat hij biedt. Het systeem bevat ook doeltreffende regels om secundaire bewegingen op te sporen en te voorkomen en ervoor te zorgen dat asielverzoeken door de verantwoordelijke lidstaat worden behandeld.

Om te bepalen wie van solidariteit profiteert, stelt de Commissie elk jaar het volgende vast:  een jaarverslag waarin de migratiesituatie wordt beoordeeld; een uitvoeringsbesluit tot vaststelling van de lidstaten die het komende jaar onder migratiedruk staan of dreigen te komen, of die met een aanzienlijke migratiesituatie worden geconfronteerd; en een voorstel voor een uitvoeringshandeling van de Raad tot oprichting van de solidariteitspool voor het komende jaar.

De Commissie heeft het verslag reeds aangenomen en het uitvoeringsbesluit betreffende de eerste jaarlijkse migratiebeheercyclus voorgesteld, en de Raad heeft het uitvoeringsbesluit op 23 december 2025 vastgesteld.

Voor meer gedetailleerde informatie, klik voor een meer gedetailleerde Q&A over de jaarlijkse solidariteitscyclus.

Hoe werkt het solidariteitsmechanisme in tijden van crisis in vergelijking met de verordening asiel- en migratiebeheer?

De verordening crisis- en overmacht voorziet in meer solidariteit ten opzichte van het in de verordening asiel- en migratiebeheer vastgestelde kader voor “migratiedruk” of “aanzienlijke migratiesituatie”:

Ten eerste is de solidariteitsrespons gericht op de lidstaat of lidstaten die met de crisis worden geconfronteerd, met specifieke solidariteitspools voor elke lidstaat op basis van het verzoek van de betrokken lidstaat en een beoordeling van zijn specifieke behoeften, in tegenstelling tot de jaarlijkse solidariteitspool in het kader van de AMMR.

Ten tweede zal een snellere procedure van toepassing zijn. De uitvoeringshandeling tot oprichting van de specifieke solidariteitspool ten behoeve van de lidstaat moet worden vastgesteld binnen drie weken nadat de betrokken lidstaten in een crisissituatie verkeren (in tegenstelling tot maximaal twee maanden in het kader van de AMMR).

Ten derde moet aan de herplaatsingsbehoeften van de lidstaat worden voldaan via de jaarlijkse solidariteitspool (in het kader van de jaarlijkse AMMR-cyclus) indien er nog herplaatsingstoezeggingen beschikbaar zijn, of de specifieke solidariteitspool die is opgericht voor de lidstaat in crisis of, indien geen van beide voldoende herplaatsingstoezeggingen bevat, “verantwoordelijkheidscompensaties” (reeds opgenomen in de AMMR), waarbij de bijdragende lidstaat (lidstaten) de verantwoordelijkheid op zich neemt (nemen) voor aanvragen waarvoor de lidstaat die met een crisissituatie wordt geconfronteerd, als verantwoordelijk is aangemerkt.

De lidstaten hebben de volledige discretionaire bevoegdheid om uit de solidariteitsmaatregelen te kiezen, zodat er in geen geval sprake kan zijn van verplichte herplaatsing.

Operationele en financiële steun

Hoe berekent de Commissie de bijdragen van de lidstaten?

Elk jaar stelt de Commissie een “solidariteitspool” voor, waarin de behoeften voor het jaar in absolute termen worden vastgesteld: het totale aantal herplaatsingen en het overeenkomstige totale aantal financiële bijdragen.

De AMMR voorziet in minimumdrempels voor herplaatsingen en financiële bijdragen die de Commissie in acht moet nemen bij de berekening van de behoeften voor het jaar en in haar jaarlijkse voorstel voor de uitvoeringshandeling van de Raad: 30 000 herplaatsingen en 600 miljoen EUR voor financiële bijdragen op EU-niveau per jaar. 

Het voorstel van de Commissie zal ook een indicatie bevatten van het “billijke aandeel” van elke bijdragende lidstaat in de solidariteitsmaatregelen, op basis van het bbp en de bevolking van elk land.

Dit voorstel wordt gebruikt als basis voor de lidstaten om hun concrete bijdragen toe te zeggen. Deze bijdragen kunnen de vorm aannemen van herplaatsingen, financiële bijdragen of steun in natura.

Alle lidstaten zijn verplicht bij te dragen op basis van hun billijk aandeel, maar zij hebben de volledige discretionaire bevoegdheid om te kiezen tussen de drie soorten solidariteitsmaatregelen of een combinatie daarvan. Indien de lidstaat ervoor kiest bijstand in natura toe te zeggen, zal deze bijstand in geld worden uitgedrukt om te kunnen bevestigen dat het verplichte billijke aandeel wordt nageleefd.

Bij de goedkeuring van het voorstel van de Commissie bepaalt de Raad uiteindelijk de totale bijdragen in de solidariteitspool voor het jaar.

Wat is financiële solidariteit? Hoe wordt het gekanaliseerd? Kan zij activiteiten in derde landen ondersteunen?

Naast andere maatregelen kunnen de lidstaten andere lidstaten die onder migratiedruk staan, ondersteunen door middel van financiële bijdragen, die via de EU-begroting zullen worden uitgevoerd. Dit betekent dat financiële bijdragen van bijdragende lidstaten aan de EU-begroting zullen worden geleverd in de vorm van externe bestemmingsontvangsten in het kader van het Fonds voor asiel, migratie en integratie (AMIF) en het Instrument voor grensbeheer en visumbeleid (BMVI). Deze aanvullende financiële middelen zullen vervolgens door de Commissie aan de begunstigde lidstaten worden verstrekt via de wijziging van hun respectieve programma's.

De begunstigde lidstaten kunnen financiële bijdragen gebruiken voor relevante acties op hun grondgebied, in overeenstemming met de verordening asiel- en migratiebeheer en de AMIF- of BMVI-verordening. In het geval van het AMIF kunnen financiële bijdragen ook acties in derde landen ondersteunen. 

Duidelijkere regels inzake de verantwoordelijkheid voor asielaanvragen

Wat is een "verantwoordelijkheidscompensatie"? Wanneer kunnen deze worden gebruikt?

Als een lidstaat onder migratiedruk staat, is een belangrijke maatregel om deze druk te verlichten het verminderen van het aantal asielverzoeken dat de betrokken lidstaat moet behandelen (d.w.z. de lidstaat onder migratiedruk wordt verlicht van de verantwoordelijkheid voor een bepaald aantal asielzoekers). De AMMR voorziet in twee mogelijkheden om de verantwoordelijkheid van de lidstaat die onder migratiedruk staat voor een bepaald aantal asielzoekers te verminderen:

  1. Herplaatsing van personen die om internationale bescherming verzoeken naar andere lidstaten. In dit geval wordt een verzoeker overgebracht naar een andere lidstaat.
  2. “Verantwoordelijkheidscompensaties”. Deze maatregel heeft betrekking op personen wier asielverzoeken door de lidstaat onder migratiedruk hadden moeten worden behandeld, maar die zich op ongeoorloofde wijze naar een andere lidstaat hebben begeven. Volgens de verantwoordelijkheidsregels moeten deze verzoekers worden teruggestuurd naar de lidstaat die onder migratiedruk staat. De lidstaat waar de asielzoeker fysiek aanwezig is, kan echter de verantwoordelijkheid voor de behandeling van het asielverzoek op zich nemen in plaats van de asielzoeker terug te brengen naar de lidstaat die onder migratiedruk staat. Dit wordt gezien als een vorm van solidariteit.

Aangezien beide maatregelen tot doel hebben het aantal verzoekers te verminderen van wie de asielaanvraag onder de verantwoordelijkheid van de lidstaat onder migratiedruk moet vallen, worden deze twee maatregelen - herplaatsing en verantwoordelijkheidscompensatie - “volkssolidariteit” genoemd.

Voorkomen van secundaire bewegingen

Hoe worden misbruiken – zoals onderduiken of secundaire bewegingen – voorkomen?

De verplichtingen voor aanvragers zijn duidelijker en strenger gemaakt.

De AMMR versterkt de regels voor situaties waarin asielzoekers zich op ongeoorloofde wijze van de ene lidstaat naar de andere verplaatsen. De verantwoordelijke lidstaat wordt in het Eurodac-systeem vermeld. Als de verzoeker onderduikt en naar een andere lidstaat gaat, kan hij via een eenvoudiger en sneller proces worden teruggestuurd.

De lidstaat waar de persoon zich zonder (juridische) reden bevindt, kan de verantwoordelijke lidstaat daarvan in kennis stellen door middel van een standaardformulier en met inbegrip van bewijs en indirect bewijs, en, na kennisgeving aan de betrokken persoon, snel overgaan tot het besluit om deze aan de verantwoordelijke lidstaat over te dragen.

Anders dan bij de vorige regels is er geen verschuiving van verantwoordelijkheid tussen de lidstaten als een kennisgeving van terugname niet tijdig wordt verzonden (door de lidstaat op het grondgebied waarvan de persoon zich bevindt). Dit betekent dat de autoriteiten van de lidstaten te allen tijde een overdracht kunnen organiseren. Dit is met name van belang in gevallen waarin verzoekers zijn ondergedoken om overdrachten naar de verantwoordelijke lidstaat te voorkomen.