Tweede Kamer, 8e vergadering

  • Begin10:15
  • Sluiting10:16
  • StatusOngecorrigeerd

Opening

Voorzitter: Mohandis

Aanwezig zijn leden der Kamer, te weten:

De voorzitter:

Ik open de vergadering van 30 september 2026.

Mededelingen

Mededelingen

Mededelingen

De voorzitter:

Ik deel aan de Kamer mee dat er geen afmeldingen zijn.

Deze mededeling wordt voor kennisgeving aangenomen.

Eindrapport Evaluatie subsidieregeling opvang kinderen van ouders met een trekkend of varend bestaan

Eindrapport Evaluatie subsidieregeling opvang kinderen van ouders met een trekkend of varend bestaan

Aan de orde is het tweeminutendebat Eindrapport Evaluatie subsidieregeling opvang kinderen van ouders met een trekkend of varend bestaan (29214, nr. 114).

De voorzitter:

Ik heet de minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport van harte welkom en ik heet ook de leden van harte welkom. We gaan naar het tweeminutendebat over het eindrapport Evaluatie subsidieregeling opvang kinderen van ouders met een trekkend of varend bestaan. Als eerste geef ik het woord aan mevrouw Van Meetelen, die spreekt namens de PVV-fractie.

Mevrouw Van Meetelen (PVV):

Goedemorgen. Dank u, voorzitter.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de minister geen maximale reisafstand of norm voor regionale spreiding heeft vastgesteld;

constaterende dat een sluiting gevolgen kan hebben voor de school, de omgeving en de bereikbaarheid voor kinderen;

overwegende dat deze gevolgen vooraf inzichtelijk moeten zijn;

verzoekt de regering bij een voorgenomen beëindiging van subsidie voor een internaatlocatie de gevolgen voor de bereikbaarheid, regionale spreiding en het belang van de betrokken kinderen expliciet in kaart te brengen en mee te wegen,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Van Meetelen.

Zij krijgt nr. 116 (29214).

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de minister een ondergrens van zes kinderen hanteert, mede vanuit bedrijfseconomische doelmatigheid;

constaterende dat geen berekening is gemaakt van de minimale exploitatiekosten per locatie;

overwegende dat daarmee de financiële onderbouwing van deze grens niet volledig inzichtelijk is;

verzoekt de regering de financiële en bedrijfseconomische onderbouwing van de grens van zes kinderen nader inzichtelijk te maken, en de Kamer daarover te informeren,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Van Meetelen.

Zij krijgt nr. 117 (29214).

Mevrouw Van Meetelen (PVV):

Voorzitter. Als kermiskind weet ik als geen ander wat dit inhoudt. Ik heb zelf op een internaat gezeten en mijn broer en zus ook. Toen wij nog in Amsterdam woonden, zat ik in Amsterdam op het internaat, en toen wij later verhuisden naar Bergen op Zoom gingen mijn broer en zus naar Oudenbosch.

Waarom is dit nou zo belangrijk en waarom heb ik die motie ingediend? Als je niet gaat kijken wat er in de regio blijft ... Als je als kind naar een internaat moet, of je nou een schipperskind bent, een kermiskind of een circuskind, is het ook heel prettig dat je in het weekend nog gewoon naar je vriendjes kan en dat je, als je een afspraak of een verjaardag hebt, daarnaartoe kan. Dan heb je nog een beetje de binding in die regio, met je school, met je internaat en met je familie. Als een locatie gaat verdwijnen en je woont bijvoorbeeld in Groningen en moet helemaal naar Maastricht, is dat nogal een uitdaging. Daarom heb ik deze motie gemaakt. Ik hoop ook echt dat die niet wordt ontraden — de minister heeft me al een beetje wat laten weten — en dat in ieder geval de Kamer deze positief zal beoordelen.

Dank u.

De voorzitter:

Dank u wel. Dan kijk ik naar de minister. Twee minuten schorsen, een korte schorsing. Ik schors de vergadering.

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.

De voorzitter:

Ik heropen de vergadering. Ik geef de minister het woord voor de appreciatie van de ingediende moties. Aan u het woord.

Minister Sterk:

Dank u wel, voorzitter. Toen wij onze hond nog hadden, liep ik elke ochtend langs het kanaal. Daar zag ik dan die hele grote schepen langsvaren en realiseerde ik me: daarop zitten de ouders en de kinderen zitten elders op school. De schippersinternaten waar we het vandaag over hebben en waarop inderdaad ook kinderen zitten van mensen die op de kermis of in het circus werken, staan in een hele lange traditie: een thuis voor kinderen wier ouders elders zijn. Omdat wij dit zo'n belangrijke plek vinden, hebben we gekeken hoe we, hoewel het aantal kinderen terugloopt, voor de komende jaren toch ervoor kunnen zorgen dat deze internaten die belangrijke plek kunnen zijn die het ook voor mevrouw Van Meetelen is geweest, zoals ze zelf aangaf. Daarom zijn we ook in gesprek gegaan met de internaten over hun financiële positie en het toekomstperspectief. In goed overleg zijn we gekomen tot deze regeling. Daarmee verkleinen we de financiële impact van een daling en krijgen ook kleine locaties met krimp meer subsidie, ook in de afbouw, dan in de vorige regeling.

Toch, en dat is ook wel weer het wrange aan dit verhaal, kan niet worden uitgesloten dat een kleine locatie op een gegeven moment niet meer economisch rendabel is en dus gesloten zal moeten worden. Dat heeft natuurlijk enorme impact op de gezinnen die daar heel lang een thuis hebben gevonden. Daarom hebben we de overgangsperiode van twee jaar in de regeling opgenomen, dus twee jaar nadat is gebleken dat ze onder het aantal kinderen dreigen te komen, om te zoeken naar een alternatief. Het is misschien ook wel goed om te vermelden dat we, bij de huidige prognose, niet verwachten dat dit de komende vijf jaar gaat gebeuren, maar je weet het natuurlijk niet. Zo zijn we gekomen tot deze regeling. Vanuit die blik wil ik ook de moties appreciëren.

De eerste motie van mevrouw Van Meetelen, op stuk nr. 116, gaat over het in kaart brengen van de spreiding, opdat er toch iets in de buurt is. Uw verhaal was denk ik heel beeldend. Het is belangrijk dat je een plek hebt waar je vriendjes hebt. Toch komt er een moment dat het niet meer doelmatig is om er nog middelen in te steken. Als er nog maar een of twee kinderen in zo'n instelling zitten, kun je zo'n instelling niet zomaar overeind houden. Dat betekent dus dat een instelling dichtgaat en er andere plekken moeten zijn waar deze kinderen dan terechtkomen. Natuurlijk is het aan de ouders om vervolgens te kijken wat ze doen. Betekent dat bijvoorbeeld dat ze hun kind naar een ander internaat brengen, of zoeken ze naar een andere oplossing? Dan zou het natuurlijk heel mooi zijn als die oplossing in de buurt is van zo'n internaat waar zo'n kind dan terechtkan. Dat kan ik alleen geen onderdeel laten zijn van deze subsidieregeling. Om een lang verhaal kort te maken, moet ik daarom deze motie, helaas voor mevrouw Van Meetelen, ontraden.

De voorzitter:

Voor de goede orde: de motie op stuk nr. 116 is ontraden. Ik zie een interruptie van mevrouw Van Meetelen.

Mevrouw Van Meetelen (PVV):

Uiteraard heb ik toch een interruptie. Ik vraag ook geen verbod op de sluiting — we hebben het er net voor het debat al eventjes over gehad — maar wel een verplichte belangenafweging. Ik weet als geen ander wat het is, wat het inhoudt, als je zo ver van je ouders moet zijn. Dat houdt namelijk in dat je bijvoorbeeld in het weekend moet overblijven, maar ook dat je een heleboel dingen gaat missen in je leven. Je kunt niet naar een vereniging, kunt in het weekend niet meedoen aan voetbalwedstrijden, of wat dan ook, omdat je gewoon te ver weg bent. Je kan voor de langere termijn eigenlijk niks in stand houden. Dat kan wel als er rekening mee wordt gehouden dat je in de regio naar een internaat kan. Ik vraag de minister dus nogmaals om dit te heroverwegen.

De voorzitter:

Uw vraag is dus om te heroverwegen. Oké.

Minister Sterk:

Ik blijf toch bij mijn appreciatie. Volgens mij is er namelijk op een gegeven moment een ondergrens in hoe efficiënt en doelmatig het is om zo'n internaat open te houden.

De voorzitter:

Heeft de heer Verkuijlen nog een interruptie op de motie op stuk nr. 116? Ja. Het woord is aan de VVD-fractie.

De heer Verkuijlen (VVD):

Dank voor de reactie op de motie. Volgens mij staat in het dictum van de motie "mee te wegen". Dat betekent niet dat er sprake is van een absolutisme, in de zin dat het geregeld moet worden. Het verzoek is om het mee te wegen. Ik vroeg mij dus af of dat een verzachtende formulering is voor de minister.

Minister Sterk:

Mijn vraag aan de Kamerleden zou dan eigenlijk terug zijn: maar op welke manier dan? Waar zou dat dan toe moeten leiden, dat je zo'n instelling toch openhoudt? Dan kom je bij mijn pleidooi dat het op een gegeven moment gewoon niet meer economisch rendabel is. Ook gaat het om publieke middelen die we daarin steken. Nogmaals, dat doen we met overtuiging. Maar op een bepaald moment moet je ook zeggen: dit is eigenlijk niet meer uit te leggen. Dan is de vraag hoe je dat mee zou moeten wegen in dat plaatje.

De voorzitter:

Dan houden we het hierbij wat betreft de motie op stuk nr. 116.

Minister Sterk:

Dan de motie op stuk nr. 117, over het inzichtelijk maken van de onderbouwing. We hebben hier natuurlijk uitgebreid over gesproken met de schippersinternaten en met de ouders. Wij zijn op deze noemer uitgekomen, waarbij wij allemaal denken dat er op deze manier toch voor de komende jaren perspectief is voor de schippersinternaten. Ik zie niet hoe het inzichtelijk maken van de onderbouwing daartoe zou kunnen bijdragen. Ook deze motie moet ik dus helaas ontraden.

De voorzitter:

De motie op stuk nr. 117 is ontraden. Mevrouw Van Meetelen, over deze motie neem ik aan?

Mevrouw Van Meetelen (PVV):

Ja, over deze motie. Hierin verzoek ik ook niet om die ondergrens van zes personen, zes kinderen, af te schaffen, maar te onderbouwen waarom die zes is. Dat is wat we missen; dat is wat ik vraag.

Minister Sterk:

Ik heb dat naar mijn idee gedaan in wat er nu voorligt. Nogmaals, dat hebben we gedaan op basis van wat we met de internaten en de ouders tot stand hebben gebracht. Ik blijf dus toch bij mijn oordeel.

De voorzitter:

Dank u wel. Ook de motie op stuk nr. 117 is dus ontraden.

Daarmee zijn we aan het einde gekomen van deze beraadslaging.

De beraadslaging wordt gesloten.

De voorzitter:

We gaan aanstaande dinsdag stemmen over de ingediende moties. Ik schors de vergadering tot 10.35 uur. Dan kunt u de Algemene Financiële Beschouwingen bekijken of volgen. Die zullen over een kleine acht minuten plaatsvinden.

De vergadering wordt van 10.27 uur tot 10.35 uur geschorst.

Algemene Financiële Beschouwingen

Algemene Financiële Beschouwingen

Aan de orde zijn de Algemene Financiële Beschouwingen,

en de behandeling van:

de brief van de minister van Financiën d.d. 15 september 2026 inzake de Nota over de toestand van ’s Rijks Financiën (37020);

het wetsvoorstel Vaststelling van de begrotingsstaat van het Ministerie van Financiën (IXB) en de begrotingsstaat van Nationale Schuld (IXA) voor het jaar 2027 (37020-IX).

De voorzitter:

Ik heropen de vergadering. Aan de orde is de eerste termijn van de zijde van de Kamer van de Algemene Financiële Beschouwingen. Dat betekent dat vandaag de Kamerleden met elkaar het debat voeren. Morgen zal het debat worden gevoerd met de bewindslieden in vak K in de eerste termijn, in de voortzetting van het debat. Er zijn zeventien sprekers van de zijde van de Kamer. Als eerste geef ik het woord aan de heer Stultiens …

Ik zie mevrouw Beckerman.

Mevrouw Beckerman (SP):

Voorzitter, goedemorgen.

De voorzitter:

Goedemorgen.

Mevrouw Beckerman (SP):

Wij hebben een punt van orde. We hebben gisteren bij de NOS gelezen: "Coalitie dreigt op onderwijs te bezuinigen wanneer de sociale zekerheid niks oplevert." De NOS heeft een document in handen waaruit blijkt dat er 1,2 miljard dreigt te worden bezuinigd op de Onderwijsbegroting. Als de NOS dat stuk heeft, lijkt me dat de Kamer dat stuk zéker moet krijgen, want dat lijkt me zeer relevant voor het debat. Wij doen het verzoek om dat stuk direct met de Kamerleden te delen.

De voorzitter:

Dat is een informatieverzoek. Ik zie dat de minister van Financiën daar non-verbaal mee instemt, dus dat zal uw richting op komen.

Meneer Ergin.

De heer Ergin (DENK):

Voorzitter. In dat artikel wordt gesproken over een geheime deal. Het informatieverzoek van de SP steun ik, maar ik zou dan ook graag willen weten of er dan een deal is en, zo ja, wat die deal precies inhoudt.

De voorzitter:

Ik neem aan dat het kabinet dat meeneemt in de informatievoorziening.

Meneer Dassen.

De heer Dassen (Volt):

Voorzitter. Een ander informatieverzoek. Dat gaat over de brief van de zuinige zes, die blijkbaar gestuurd is en die ook in handen is van onder andere de NOS, over de inzet van Nederland ten opzichte van het MFK, namelijk dat dit flink, met miljarden, naar beneden moet. Die brief zou ik graag ontvangen.

De voorzitter:

Ik zie dat ook daar non-verbaal mee wordt ingestemd. Dan geef ik als eerste het woord aan …

De heer Stultiens nog.

De heer Stultiens (PRO):

Nu ik zie dat er zo ruimhartig wordt omgegaan met informatieverzoeken, heb ik er nog wel eentje. We hebben gisteren een brief gehad. Daarin staat ook een tabel, maar die loopt maar vier jaar door. Ik wil ook graag weten hoe die de jaren erna eruitziet, met name wat betreft de dekking voor box 3. Ik wil graag de hele reeks, bijvoorbeeld tot en met 2040. Het lijkt mij wel zo goed om alle informatie te krijgen.

De voorzitter:

Ik zie wederom non-verbale instemming, dus het komt uw kant op als ik de bewindslieden goed begrijp.

De (algemene) beraadslaging wordt geopend.

De voorzitter:

Allereerst is het woord aan de heer Stultiens voor zijn eerste termijn namens de fractie van PRO.

De heer Stultiens (PRO):

Dank u, voorzitter. Op de vijfde dinsdag van september ontving de Kamer het goede nieuws: de bezuinigingen op de sociale zekerheid zijn van tafel. Maandenlang hebben wij samen met de vakbonden opgetrokken om de bezuinigingen op de WW, de WIA en de AOW tegen te houden. Na een lange strijd is het kabinet gisteravond tegemoetgekomen aan deze eis. Voor al die mensen in de havens, in het ov en in de zorg en voor de mensen die ziek zijn of hun baan zijn kwijtgeraakt, is het heel goed nieuws dat deze bezuinigingen nu echt van tafel zijn. Dit gaat namelijk om solidariteit. Het gaat erom dat we er in dit land voor elkaar zijn wanneer je ziek bent of je baan bent kwijtgeraakt en dat er een vangnet is waar niet op wordt bezuinigd. Daarom zeg ik tegen alle stakers, alle vakbonden en hardwerkend Nederland: gefeliciteerd met deze overwinning.

Voorzitter. Dit zet voor ons, PRO en Volt, de deur open naar een begrotingsakkoord. We hebben onze hand uitgestoken. Het aanbod staat nog steeds: een totaaldeal over alle begrotingen en het Belastingplan. Dat zorgt namelijk voor rust en stabiliteit in de Haagse politiek. Dat kan dit land goed gebruiken. Mijn vraag aan de minister van Financiën is daarom of hij daartoe bereid is. Zo niet, hoe gaat hij voorkomen dat dit begrotingsseizoen nog chaotischer wordt dan de afgelopen weken? Welke opdracht krijgen zijn collega's dan mee voor het zoeken van steun voor hun begroting? Gaat hij ze te hulp schieten als hun begroting weggestemd dreigt te worden?

Voorzitter. Een cruciaal onderdeel van zo'n akkoord is natuurlijk het Belastingplan. Daarin wordt voor de komende jaren bepaald hoeveel geld de overheid gaat ophalen, wie er in dit land de rekening betaalt, of de ongelijkheid toeneemt of afneemt en of de grote vervuilers worden belast of gesubsidieerd. Laat ik vandaag alvast heel helder zijn: dit Belastingplan is voor PRO nog niet sociaal genoeg. Waarom verhoogt het kabinet de belastingen met miljarden voor werkende mensen, maar wordt er van de allerrijksten niks gevraagd? Waarom weigert het kabinet nog steeds de overwinsten te belasten van de grote oliebedrijven die nu enorme winsten maken? Waarom verhoogt het kabinet de hypotheekrenteaftrek, terwijl een hele duidelijke Kamermeerderheid, inclusief D66 en CDA, aangaf dit niet te willen? Waarom blijft het kabinet nog vele miljarden uitkeren aan ondoelmatige fiscale regelingen, maar grijpt het dan wel drastisch in bij de aftrek voor specifieke zorgkosten?

PRO heeft vanaf het begin gezegd dat gewone mensen erop vooruit moeten gaan en dat er een eerlijke bijdrage moet komen van de allerrijksten, maar dit Belastingplan doet het omgekeerde. Dit Belastingplan laat werkend Nederland in de steek, want gewone werkende mensen gaan structureel 8 miljard euro per jaar extra betalen aan inkomstenbelasting, waarvan volgend jaar al 3,5 miljard euro in box 1. Ondertussen verlaagt het kabinet het toptarief in box 2. Dat is voor de directeur-grootaandeelhouders een extra belastingcadeau. We zien dat de belastingen op werk omhooggaan en dat de belastingen op vermogen omlaaggaan. Waarom wordt deze keuze gemaakt?

De voorzitter:

Interrupties zijn kort, bondig en maximaal in drieën, tenzij er geen antwoord wordt gegeven, er wordt uitgelokt of er gesloten antwoorden worden gegeven.

De heer Oosterhuis (D66):

De heer Stultiens noemt hier box 2. Ik denk dat we het er Kamerbreed over eens zijn dat de echt vermogenden in box 2 zitten. Dat vermogen zit alleen wel vaak vast in bv's. Je kunt daar dan een hoog belastingtarief op heffen, maar dat vermogen wordt niet belast als dat in die bv's zit. Doordat het tarief nu van 31% naar 29% gaat, komt het wel uit die bv's en wordt het wel belast, waardoor er dus vanuit die rijke ondernemers echt belastinggeld de schatkist binnenkomt. Deze manoeuvre werd tien jaar geleden ook uitgevoerd. Het gaat nu tegen 29%. Weet de heer Stultiens wie er tien jaar geleden minister van Financiën was en tegen welk tarief het toen ging?

De heer Stultiens (PRO):

De partij zal waarschijnlijk mijn partij zijn, vandaar deze vraag. Het tarief van tien jaar geleden weet ik niet uit mijn hoofd. Ik wil wel even benoemen — dat is vrij cruciaal — dat een belastingkorting in box 2 natuurlijk nooit de echte dekking is. Als dat de dekking was geweest, zou ik zeggen: blijf die de komende jaren verlagen. Extra gratis geld klinkt top, maar zo werkt het natuurlijk niet. Als je directeur-grootaandeelhouders een belastingkorting geeft, waarmee je geld naar voren schuift, heb je structureel natuurlijk geen echte dekking. Dat is het rare. Dat zie je nu gebeuren bij deze box 3-plannen. Kleine spaarders gaan meer belasting betalen, terwijl er juist een korting komt voor de directeur-grootaandeelhouders. Dat lijkt me precies de verkeerde route. Ik vind het eerlijk gezegd ook een rare keuze van D66.

De heer Oosterhuis (D66):

Zoals ik net al zei, wordt vermogen als het in de bv blijft zitten sowieso niet belast. Nu komt het er wél uit en wordt het wél belast. Om het geheugen van de heer Stultiens te helpen: het was destijds de heer Dijsselbloem, inderdaad van PRO. Het ging toen tegen een tarief van 22%. Je kunt dus zeggen: het wordt nu laag belast. Je kunt ook zeggen: destijds deed Dijsselbloem van de PvdA het tegen 22%; nu doet Heinen van de VVD het tegen 29%. Dat lijkt me winst. Een beetje meer optimisme mag ook, zou ik tegen de heer Stultiens willen zeggen.

De heer Stultiens (PRO):

Dank voor deze aanmoediging. Ik zou verwachten dat D66 het met ons eens is, als ik kijk naar hun programma. Daarin zie ik allemaal hele verstandige plannen staan om vermogen en winst juist te belasten en arbeid juist te laten lonen. Dat gebeurt nu niet. Volgens mij kan de heer Oosterhuis dat erkennen. De belastingen op arbeid gaan fors omhoog. Ik zou denken dat hij aan mijn kant zou staan en de rechterkant, met name de VVD, zou oproepen: laat werken lonen; laten we de rekening bij de allerrijksten leggen. Die zitten in box 2.

De heer Oosterhuis (D66):

Ik trek graag met de heer Stultiens op om deze beweging in te zetten. Die is de laatste tien jaar ook daadwerkelijk ingezet. Vermogenswaarde belasten werkte wat minder. Ik zou de heer Stultiens echter ook willen vragen om te kijken wat er wél gebeurt. De belasting in box 2, voor de echte rijken, gaat juist ook omhoog.

De heer Stultiens (PRO):

Nee, het tarief gaat omlaag. Dat je geld naar de toekomst haalt, is allemaal leuk en aardig. Maar uiteindelijk is het een korting voor directeur-grootaandeelhouders. De VVD spreekt op hun onlineaccounts trots over een korting voor directeur-grootaandeelhouders. Dat lijkt me natuurlijk geen serieuze dekking. Het is een korting, die wij onverstandig vinden. Als je geld wil ophalen, zou ik zeggen: lees alle goeie rapporten van Financiën. De heer Oosterhuis kent die rapporten trouwens prima. Er staan een heleboel goeie tips en manieren in om geld wél bij box 2 te halen. Stop de ontwijkingsroutes. Stop, inderdaad, al die kortingen die nog steeds bestaan. Dan heb je een veel eerlijker stelsel en, het belangrijkste, dan kun je werken laten lonen.

De heer Flach (SGP):

In de eerste zinnen van zijn bijdrage is de heer Stultiens naar mijn mening nog wat vaag. Hij zei dat er niets wordt gevraagd van de allerrijksten en dat de gewone mensen erop achteruitgaan. Ik ben benieuwd naar de definitie van "gewone mensen" en "de allerrijksten". Ik noem een voorbeeld. Ik kreeg vanmorgen een mailtje van Laurens. Die heeft €60.000 gespaard omdat hij hoopt ooit eens een keer in een eigen huis te kunnen gaan wonen.

De voorzitter:

Er wordt gewezen naar de heer Dassen. We zijn hier zo collegiaal!

De heer Flach (SGP):

Ik heb beloofd zijn achternaam niet te noemen!

(Hilariteit)

De heer Flach (SGP):

Is Laurens een gewone Nederlander of valt hij in de definitie van de heer Stultiens onder de allerrijksten?

De heer Stultiens (PRO):

Ik ken deze Laurens niet persoonlijk, maar hij is zeker een gewone Nederlander. Dat is mijn hele punt. Er wordt vaak een karikatuur gemaakt. Als wij in onze plannen bijvoorbeeld zeggen "laat miljonairs betalen met de miljonairsbelasting", dan krijg ik van de VVD vaak de kritiek: maar denk aan de kleine spaarder. Nu gebeurt echter precies het tegenovergestelde: de kleine spaarder gaat meer betalen voor de wensen in box 3, terwijl van de grootste miljonairs juist niks wordt gevraagd. Dat is precies de verkeerde keuze. Dus ja, Laurens is een gewone Nederlander. We moeten niet de kleine spaarder extra belasten, maar juist de allerrijksten. Dan praat je over de rijkste 1%. Dat is de groep die je volgens ons best wat meer kunt belasten. Dat geld kun je gebruiken om werkende mensen vervolgens vooruit te helpen. Dat is volgens mij namelijk een brede wens van de Kamer. We zien allemaal dat werken niet loont. Daar helpt die extra belastingverhoging van 8 miljard niet bij.

De heer Flach (SGP):

Dit is al een stuk duidelijker. Dat betekent dan ook dat PRO echt grote moeite heeft met de dekking van het box 3-plan. Dat is goed om te horen. Ik hoor dan wel graag van de heer Stultiens wat voor concrete plannen hij heeft om die zogenaamde "allerrijksten" aan te pakken. Het is net zo'n grote karikatuur om te zeggen dat er van rijke mensen niks wordt gevraagd, vind ik. Wat er de achterliggende jaren op het vlak van vermogensbelasting extra is gevraagd van mensen, vind ik zelfs schrikbarend. Ik hoor dus graag concrete voorstellen van de heer Stultiens.

De heer Stultiens (PRO):

Die zal ik zeker geven. Ik reageer op het eerste punt. Ik vind de dekking van box 3 inderdaad niet verstandig. Uitzoomend vind ik de hele derving van 16 miljard niet verstandig. De hele keuze om naar een vermogenswinstbelasting te gaan kost 16 miljard. Dat geld kunnen we beter gebruiken voor ons land, voor de wegen, de ziekenhuizen en de scholen. Ik vind het in die zin zonde van belastinggeld. Als je daar toch voor kiest — daar kiezen rechtse partijen voor — dan zou ik zeggen: laat de kleine spaarder er niet voor betalen.

Dan uw vraag "hoe dekt u uw plannen?" In die zin hebben wij natuurlijk een heel transparant programma, waarin we elk jaar laten zien hoe we het betalen. Dan moet je gelijk kijken naar datgene waarin beide programma's overeenkomen: de grote techbedrijven. Van de grote techbedrijven zien we gewoon dat ze niet hun fair share betalen op dit moment. Dan kun je kiezen voor het invoeren van een belasting voor die grote techbedrijven. Dat stond ook in uw programma, en ook in dat van mij. Dat gebeurt nu niet. Wat nu wel gebeurt, is een belastingverhoging van 8 miljard in box 1. Dat vind ik een scheve keuze, en ik zou denken dat de SGP dat ook vindt.

De voorzitter:

Afrondend.

De heer Flach (SGP):

Dit geeft al iets meer kleur aan wat de heer Stultiens zegt. Tegelijkertijd blijf ik toch moeite houden met de karikatuur "van de rijke mensen wordt niks gevraagd" of "van de allerrijksten wordt niks gevraagd". Als je gewoon kijkt naar wat er aan maatregelen in zit qua dekking, dan moeten we toch met elkaar constateren dat er in de achterliggende jaren bovengemiddeld veel gehaald is bij mensen die zuinig geleefd hebben, gespaard hebben en succesvolle ondernemingen hadden. Deze vraag leg ik tot slot voor aan de heer Stultiens. We moeten wel oppassen dat we de boete op spaarzaamheid of op succesvol ondernemen niet nog verder uitbouwen. Ik hoop daar toch echt een duidelijk antwoord op te krijgen.

De heer Stultiens (PRO):

Met dat laatste ben ik het zeer eens. Wat is nu eigenlijk het rare? Voor spaarders maakt het natuurlijk helemaal niks uit of je vermogensaanwas of vermogenswinst doet. Maar ze gaan nu wel betalen voor deze nieuwe wens. Sterker nog, de wet die nu voorligt in de Eerste Kamer, waar wij voor zijn en volgende week mee kunnen instemmen, is voor spaarders veel beter, want dan blijft de grens gewoon op €1.800 in plaats van €1.000. Ik zou zeggen: als we voor spaarders opkomen, laten we dan gewoon volgende week die wet steunen in de Eerste Kamer. Dat bespaart gelijk 16 miljard euro.

Mevrouw Teunissen (PvdD):

Ik wil allereerst een compliment geven aan PRO voor het feit dat de bezuinigingen op de sociale zekerheid vooralsnog van tafel zijn. We moeten natuurlijk wel bekijken of dat niet weer leidt tot bezuinigingen op onderwijs, maar het is echt een heel goede stap. Zonder PRO was dat niet gelukt.

Ik kom op het Belastingplan. Ik ben het er helemaal mee eens dat er keuzes moeten worden gemaakt om de allerrijksten te belasten. Je ziet dat de vermogenskloof alleen maar toeneemt, net als de overwinsten van die oliebedrijven, die over de ruggen van de oorlog heel veel winsten maken. Die moeten ook worden belast. Maar wat ik nog niet hoor in het verhaal van PRO, is of de verlaging van de vliegbelasting en de generieke accijnsverlaging ook randvoorwaarden zijn, kijkend naar het klimaat, voor het al dan niet steunen van het Belastingplan door PRO.

De heer Stultiens (PRO):

Laat ik beginnen met het laatste punt, namelijk klimaat. Daar kom ik zo in mijn tekst op. Dat is namelijk cruciaal. Daarop gebeurt veel te weinig vanuit het kabinet. Daar zijn we het over eens. We zijn het ook eens over het punt dat het verlagen van de vliegbelasting een slecht plan is. Wat uiteindelijk voor ons onderaan de streep genoeg is, moet blijken en hangt ook af van de vraag: komt er wel of geen totaaldeal? Dat lijkt mij verstandig. Dat vinden wij nog steeds een goede route. Als die er niet komt, gaan wij per keer wegen of we het goed genoeg vinden. Bij ons is het belangrijkste punt dat gewone mensen erop vooruitgaan. Vraag een bijdrage van de grootste vervuilers en de grootste winsten. En ja, bijvoorbeeld zo'n belasting op overwinsten van de grote oliebedrijven zou daarbij een heel goed voorstel zijn.

Mevrouw Teunissen (PvdD):

Dat is heel goed om te horen. Ik hoor de heer Stultiens net zeggen dat het Belastingplan niet sociaal genoeg is. Nu begrijp ik dus ook dat voldoende klimaatbeleid een randvoorwaarde zou moeten zijn voor dat eventuele totaalpakket.

De heer Stultiens (PRO):

Nou, wat ik zeg, is dat het Belastingplan, en trouwens het hele kabinetsbeleid, niet goed genoeg is. Dat is volgens mij een feit. Wat ik bij het Belastingplan als hoofdpunt voor ons heb genoemd — dat zeggen we al maandenlang — is dat we zien dat de belasting op werk enorm wordt verhoogd, terwijl alle partijen hier zeggen dat werken moet lonen. En inderdaad, bij de categorie vermogen en winst zie je onderaan de streep geen extra bijdrage. Dat vinden wij heel scheef. Dat is voor ons een harde voorwaarde om het Belastingplan te kunnen steunen.

De heer Hoogeveen (JA21):

Ik hoorde de heer Stultiens aan het begin van zijn betoog zichzelf, de heer Dassen en zijn vrienden van de vakbond feliciteren met de overwinning. Maar is het geen pyrrusoverwinning? Zoals ik het zie, zegt het kabinet nu namelijk: we beginnen met een schone lei en parkeren de gelden, de miljarden, die gereserveerd stonden voor de sociale zekerheid, maar dat gaan we later nog wel invullen. De insteek is nog steeds het hervormen en het moderniseren van ons socialezekerheidsstelsel. Kan de heer Stultiens reflecteren daarop en op wat de inzet van zijn partij gaat zijn?

De heer Stultiens (PRO):

Ja, dat kan ik zeker. Ik vind het een grote overwinning, met name voor de vakbonden en voor al die mensen die gestaakt hebben, omdat zij al maandenlang zeiden: wij kunnen geen goed gesprek voeren met de partners als er een bezuiniging van 6 miljard in de boeken staat. Die is van tafel. Dat vind ik groot nieuws. Als de heer Hoogeveen vraagt of het klopt dat de discussie over de dekking nog wordt vervolgd de komende jaren, dan zeg ik: ja, dat klopt. Die strijd is niet voorbij. Die gaat de komende jaren weer door. Er moet geld opgehaald worden vanaf, uit m'n hoofd, 2029.

Zie je content die volgens jou niet op deze site hoort? Check onze disclaimer.